De historie van onze club

 

Inhoudsopgave:

 

De Periode van maart 1939 tot februari 1951

“Habemus Papam!”

We hebben een kampioen!

Ritchy Duin

 

De film “Gone with the wind”, draait veelvuldig in de Nederlandse bioscopen, het zal één van de grootste bioscoopsuccessen aller tijden worden. Stan Laurel en Oliver Hardy maken furore als het duo “De dikke en de dunne”. Philips produceert de allereerste Philishave. Max Euwe (wereldkampioen schaken 1935-1937) zorgt voor een hausse in het Nederlandse clubschaak. Helaas zijn er ook minder prettige ontwikkelingen. Zo heerst er een wereldwijde economische crisis. De Parlementaire democratie krijgt de schuld en er is verlangen naar een 'nieuwe orde'. Er is sprake van grote werkloosheid. Overal zijn protesten tegen doelloze ledigheid en de grauwe armoede. De roep om daadkrachtige mannen klinkt veelvuldig, ook bij onze oosterburen. Duitse troepen bezetten Praag. Het overblijvende Tsjechische hartland wordt geannexeerd door het Derde Rijk. Met de hulp van Hitler verklaren Slowaakse separatisten de onafhankelijkheid van Slowakije, dat een vazalstaat van nazi-Duitsland wordt. Het Italië van Mussolini annexeert Albanië.

 

In Wijchen volgen 3 jongemannen op zondag 12 maart 1939 hun route over de Leemweg door de rustgevende en bosrijke omgeving naar het Franciscanenklooster aan de Graafseweg in Alverna. Emiel Luijten, Jos Poort en Jo van Tienoven verheugen zich op de afspraak die ze hebben met Pater Probus van der Griendt O.F.M. De 3 vrienden delen dezelfde hobby, namelijk het beoefenen van het schaakspel! Hen was ter oren gekomen dat ook deze Pater gaarne in clubverband het schaakspel wilde gaan beoefenen.

 

Het Franciscanenklooster in Alverna.

 

De Franciscanen of Minderbroeders (Ordo Fratrum Minorum, O.F.M. ) vormen een kloosterorde, bestaande uit volgelingen van Franciscus van Assisi.

 

In 1228, twee jaar na zijn dood, verklaarde Paus Gregorius IX Franciscus heilig.

   

Nadat hij me telefonisch op de hoogte bracht van het in bezit hebben van enkele waardevolle en authentieke documenten uit de allereerste periode van het Wijchense schaakleven, was de afspraak met Harrie Luijten snel gemaakt. Graag wilde hij deze overdragen aan de schaakvereniging, wanneer die nog bestond tenminste. Schaakvereniging Het Kasteel anno 2006? Springlevend en dat zou ik zeker aan hem laten zien. De vele krantenartikelen die berichten over de diverse schaakactiviteiten gedurende de afgelopen jaren bekeek hij dan ook met zeer veel belangstelling.

Harrie Luijten werd op 14 mei 1927 in Wijchen geboren. Zijn vrouw Joke de Groot zag het levenslicht in het huis genaamd “De Pionier” te Alverna. Dit huis aan de Leemweg staat er momenteel nog steeds. Haar vader vestigde daar destijds een tuindersbedrijf.

 

De Pionier in Alverna

 

Na de middelbare school, het Canisiuscollege in Nijmegen, ging Harrie in de jaren 40 studeren aan de Technische Hogeschool in Delft en vertrok uit Wijchen. Na zijn afstuderen en militaire dienst werkte hij enkele jaren als landmeter bij het kadaster. Waarschijnlijk mede omdat hij uit een onderwijsfamilie (vader Luijten was directeur van de Franciscusschool en het gezin woonde in het nabijgelegen woonhuis) afkomstig was heeft het onderwijs steeds zijn belangstelling gehad. In 1957 werd Harrie leraar aan de HTS in Tilburg en later directielid onderwijsontwikkeling. Zijn oudere broer Emiel had in 1939 de leeftijd van 20 jaar. Emiel was indertijd student notariaat en werd later een succesvolle notaris. Naast zijn notariaat in Heerlen werd hij hoogleraar notarieel recht aan de Universiteit in Nijmegen. Zijn andere broer Jan is helaas in 1971 overleden. Als planoloog heeft Jan destijds een welvaartsrapport voor de Gemeente Wijchen uitgebracht met aanbevelingen voor maatschappelijke ontwikkelingen.

 
Ontmoeting met Harrie Luijten (rechts)
 

 

Tijdens onze ontmoeting legt Harrie een aantal zeer interessante documenten op tafel en vertelt dat hijzelf in 1939 en 1940 als jeugdspeler bij de toenmalige Wijchense schaakvereniging speelde. Hij was de verzamelaar voor het familiearchief en wist veel oude documenten te redden van de brandstapel door ze uit het ouderlijk huis in Wijchen mee te nemen naar Tilburg. Onlangs besloot Harrie om eens flink de bezem door het archief te gaan halen…

 

Het jaarverslag uit februari 1940 geeft een duidelijke beschrijving van de oprichting van de toenmalige schaakvereniging. Wekelijks terugkerende theorielessen, partijnotaties, competitie-uitslagen, een begroting… Alles wijst op een actieve en goed georganiseerde vereniging vanaf 1939. In een aantekeningenschrift van Jan wordt de periode vanaf het jaar 1950 weer opgepakt. Het schaken in clubverband stond in de periode 1941-1950 op een zeer laag pitje. Opmerkelijk genoeg zijn er in deze documenten geen gegevens over het jaar 1947, het officiële oprichtingsjaar van onze vereniging, te vinden.

De besprekingen hebben een vlot verloop en wanneer ook instemming van de toenmalige pastoor A. van den Berg van de parochie Antonius Abt wordt verkregen staat niets de uitvoer van het plan meer in de weg.

 

De eerste officiële vergadering wordt belegd op zaterdagavond 18 maart 1939.

 

Om 19.45 uur zitten er negen liefhebbers bij de vergadering in de Franciscusschool.

 

Aanwezig zijn: Pater Probus van der Griendt O.F.M., Pater Chermin (kapelaan in Wijchen), Emile en Jan Luijten, Jos Poort, Jo en Mathieu van Tienoven, Piet Sengers en Mathieu Vossen.

Jan Luijten

 

Emile & Jan Luijten

In deze eerste vergadering begint Pater van der Griendt O.F.M. met enkele beginselen uit de schaaktheorie.

 

De ligging van het bord (altijd een wit veld aan het rechtse uiteinde van het bord), de plaats der dame (witte dame altijd op wit, zwarte dame altijd op zwart), het centrum van het schaakbord (e4, d4. e5, d5) en het en passant-slaan (alleen met pionnen, alleen bij de eerste gelegenheid daartoe en de geslagen pion had juist zijn eerste zet gedaan) passeren de revue.

 

Hierna volgt een simultaanwedstrijd van de Pater tegen 4 ploegen van 2 spelers. Uitslagen (in volgorde der duur):

 

1. Pater vd Griendt O.F.M. v. Jan Luijten en Mathieu Vossen     1 – 0

2. idem                    v. Pater Chermin en Piet Sengers     1 – 0

3. idem                    v. Jos Poort en Mathieu van Tienoven 1 – 0

4. idem                    v. Emile Luijten en Jo van Tienoven  1 – 0

 

Er wordt nog een extra partijtje gespeeld tussen Pater vd Griendt O.F.M. en Jan Luijten, uitslag: 0 – 1! Een onverwachte zet van de zwartspeler dwingt wit tot capitulatie, omdat wit slechts ten koste van de dame mat kan vermijden op g2.

 

Donderdag 23 maart 1939 wordt de 2e bijeenkomst belegd. De waarde van de stukken, vormen van schaak opheffen, penningen, aftrekschaak en het einde der partij zijn thema´s die behandeld worden.

 

De 1e ronde van de competitie wordt daarna gespeeld. Deze kent de volgende uitslagen:

Emiel Luijten – Piet Sengers            1 – 0

Pater vd Griendt O.F.M. – Jos Poort     1 – 0

Pater Chermin – Jan Luijten             0 – 1

Jo van Tienoven  – Mathieu van Tienoven 1 – 0

Mathieu Vossen is vrij.

 

Wit: Emiel Luijten

Zwart: Piet Sengers

Wijchen, interne competitie 23 maart 1939.

1.d4 d5 2.Pf3 e6 3.Pc3 Pf6 4.Lg5 h6 5.Lh4 Pc6 6.e3 Ld6 7.Lb5 0–0 8.Lxc6 bxc6

9.e4 dxe4 10.Pxe4 La6 11.Pfd2 Db8 12.Lxf6 Lf4 13.Dg4 Td8 14.Dxg7 schaakmat, 1–0. Zie diagram
 

 

 

 

 

 

 

 

Emiel Luijten

 

Op donderdagavond 30 maart 1939 verschijnt Jo van Eck als nieuw lid.

Deze 3e bijeenkomst worden enkele belangrijke punten vastgesteld:

 

·        De Rooms-Katholieke schaakclub krijgt de naam van “Het Kasteel van Wijchen”.

·        Het bestuur zal gaan bestaan uit een Voorzitter, Secretaris, Penningmeester en Technisch Adviseur. Na stemming worden de volgende bestuursleden benoemd:

Emiel Luijten (pas 20 jaar oud!) als Voorzitter, Jos Poort als Penningmeester en Pater van der Griendt O.F.M. als Secretaris/Technisch Adviseur (de Secretarisfunctie en de functie van Technisch Adviseur worden voorlopig samengevoegd).

·        Er wordt een redelijke contributie vastgesteld van Fl. 0,25 per maand voor Senioren en Fl. 0,05 per maand voor Junioren. Nieuwe leden kunnen zich melden bij het bestuur.

·        De bijeenkomsten zullen deels gebruikt gaan worden voor theorie en deels voor praktijk. De theorie zal worden gegeven door de Technisch Adviseur Pater Probus van der Griendt O.F.M.

·        Van elke vergadering gaat de secretaris verslag opmaken om op de volgende vergadering ter goedkeuring te worden voorgelezen.

·        De Technisch Adviseur gaat de competitie leiden en van iedere partij zal hem een copie worden verstrekt om deze van commentaar te kunnen voorzien en later mogelijk te behandelen in de vergadering.

·        De oprichting zal worden gepubliceerd in dagblad “De Gelderlander” en in “De Volkskrant”.

·        Voor theoretische studie zal een demonstratiebord vervaardigd worden door Jo van Tienoven.

·        Iedere donderdag zullen de leden bij elkaar komen in de Franciscusschool aan de Schoolstraat (later: Touwslagersbaan) of het verenigingsgebouw “Patronaat” aan de Markt in het centrum van Wijchen.

 

De Franciscusschool

Verenigingsgebouw “Het Patronaat”

 

Dinsdag 11 april 1939 besluit men dat het secretarisschap voortaan gescheiden zal worden van de TA-functie. Jo van Tienoven gaat voortaan het Secretariaat bijhouden. Tevens besluit men dat er voortaan gestemd zal worden over de aanneming van leden.

 

Tijdens de vergadering op donderdagavond 27 april 1939 worden wederom enkele belangrijke besluiten genomen. Deze vergadering vindt plaats in de achterzaal van het verenigingsgebouw “Patronaat”.

 

Om 19.15 uur wordt er gestart met een bestuursvergadering waarbij aanwezig zijn:

Pater van der Griendt O.F.M. (TA), Emiel Luijten (VZ), Jo van Tienoven (SC) en Jos Poort (PM). De voorgestelde reglementsregels worden nader besproken. Daarna neemt het bestuur de voorgestelde wijzigingen van Pater van der Griendt O.F.M. in het ontwerp over.

 

Om 20.00 uur volgt de ledenbijeenkomst, deze wordt echter vooraf gegaan door een behandeling van de partij uit de 4e ronde tussen de heren Poort en Vossen door de TA.

 

  1. De VZ opent.
  2. Notulen goedgekeurd
  3. De VZ kondigt de volgende bestuursbesluiten aan

 

  1. De competitie wordt voortaan buiten de vergadering gespeeld (besloten werd op Zondagmiddag of –avond te spelen)
  2. Er wordt op de vergaderingen om een 2e kampioenschaptitel gespeeld: een competitie in het beoordelen van stellingen uit het leerboek (elke week 10 stellingen, voor elke stelling kan men 1 punt behalen).
  3. Noteren der partijen wordt voortaan verplicht voor iedereen
  4. De partij Tienoven Sr. – Van Eck (4e ronde) wordt niet geannuleerd, doch als zijnde afgebroken beschouwd op de onreglementair gedane zet.
  5. De TA moet zich als gevolg van besluit a zich genoodzaakt achten zich uit de competitie terug te trekken (mede gezien het krachtsverschil). Als gevolg hiervan zullen de door hem gespeelde partijen worden geannuleerd.

 

  1. Hierna volgt de beoordeling van de eerste 10 stellingen door de 9 deelnemers. De TA bespreekt ze daarna.
  2. De VZ wenst het lid Piet Sengers veel succes op zijn a.s. schoolexamen.
  3. Tot slot sluit de VZ de bijeenkomst.

 

De eerste maal dat er buiten de vergadering om competitie wordt gespeeld is op zondag 30 april 1939 om 16.15 uur in het Franciscusschoolgebouw.

 

De 6e ronde:

1. Jo van Eck – Mathieu Vossen                    0 – 1

2. Jos Poort – Emiel Luijten                      0 – 1

3. Piet Sengers – Jan Luijten                     afgebroken na 22 zetten.

4. Pater Chermin – Mathieu van Tienoven           1 – 0

 

Vriendschappelijk: Z.E. Pater Chermin versus Emiel Luijten    0 – 1.

 

Tijdens de bijeenkomst op donderdag 11 mei 1939 om 20.00 uur in de achterzaal van het verenigingsgebouw “Patronaat” komt het thema “combinaties” aan bod.

 

    1. Opening
    2. Notulen goedgekeurd
    3. Enkele opmerkingen Pater van der Griendt O.F.M.
    4. Theorie

 

Het begrip combineren, enige principes.

 

In eenvoudige stellingen is dikwijls het minimum aantal zetten (=2) slechts nodig, doch in meer ingewikkelde stellingen veelal een groter aantal.

Een kortere of langere reeks van zetten, in gedachten, tot één geheel samengevoegd en tot één bepaald doel leidende, noemt men een combinatie.

 

Er bestaan:

  1. Aanvalscombinaties
  2. Verdedigingscombinaties
  3. Positiecombinaties

 

Bij 1 moet men alles tevoren nauwkeurig narekenen en dan weten, dat het geheel in alle onderdelen precies klopt. Hierbij altijd nagaan: is de ander werkelijk tot die bepaalde zet, die in de combinatie bedacht werd, gedwongen?

Luidt het antwoord op deze vraag: neen, maar voert men de combinatie toch uit, hopende op een onjuiste zet des tegenstanders, dan is dat geen eigenlijke aanvalscombinatie, doch een valstrik!

 

Het doel van de aanvalscombinatie:

  1. Materieel voordeel te behalen
  2. Matdoeleinden

 

Bij 2 opletten dat men de tegenpartij tot een bepaalde zet dwingt. Meest effectief hiervoor is schaak geven.

Minder juist is: in het begin op alle manieren schaak proberen te geven.

 

Donderdag 25 mei 1939 wordt de verdedigingscombinatie uitgelegd.

 

De verdedigingscombinatie heeft tot doel:

  1. Afwending matdreiging
  2. Afwending materieelverlies
  3. Bereiken van remise (door pat, eeuwig schaak of herhaling van zetten)

 

1 begint meestal met een aanval op de vijandelijke koning om zodoende met tempowinst een stuk ter verdediging naar het bedreigde punt te kunnen dirigeren.

Dit geldt ook voor 2, ook is voldoende: aanval op vijandelijk stuk, mits van grotere waarde!

Voorbeeld van 3:

Zwart speelt: 1… Th2-g2+ 2.Kg1-f1 Tg2-g4! (dreigende Tg4-f4!)

   

Het centrum van Wijchen anno 1939.

 

Rechtsonder de Antonius Abt. De Franciscusschool en het Patronaat liggen vlak bij elkaar.

 

Zaterdagavond 15 juli 1939 wordt op de bij den voorzitter gehouden bestuursvergadering (bij loting) het programma vastgesteld om zo snel mogelijk het resterende wedstrijdprogramma af te maken en het kampioenschap te beslissen!

Wegens tijdgebrek van het lid Piet Sengers om de competitie verder uit te spelen is het bestuur genoodzaakt al de voorgaande partijen door hem gespeeld te annuleren.

 

Dinsdag 5 september 1939 wordt ten huize van den voorzitter de partij Mathieu Vossen versus Jan Luijten gespeeld, welke na 26 zetten gewonnen wordt door de zwartspeler.

 

Habemus Papam!

We hebben een kampioen der senioren en clubkampioen: Jan Luijten!

 

1. Jan Luijten         11 uit 14

2. Emiel Luijten        9 uit 13

3. Mathieu van Tienoven 9 uit 13

4. Jo van Tienoven      8 uit 13

5. Mathieu van Vossen   5 uit 12

6. Pater Chermin        4 uit 9

7. Jos Poort            4 uit 13

8. Jo van Eck           0 uit 13

 

De eindstand van de probleemcompetitie:

 

1. Emiel en Jan Luijten   34 pt.

3. Mathieu van Tienoven   30

4. Piet Sengers           26

5. Pater Chermin          23

6. Jo van Tienoven        21

7. Mathieu Vossen         19

8. Jos Poort              16½

9. Jo van Eck             13½

Clubkampioen in 1939: Jan Luijten

 

Er worden 10 extra problemen voorgeschoteld aan de gebroeders Luijten om een beslissing te forceren. Beiden weten echter 9 problemen goed op te lossen en men besluit de eer te delen!

 

Deze stand wordt bij bestuursbesluit van 17 september 1939 tot officiële eindstand van de voorjaarscompetitie 1939 geproclameerd.

 

Zondag 24 september 1939 staat er een feestvergadering op het programma t.g.v. het behaalde clubkampioenschap door Jan C.L. Luijten.

De agenda luidt als volgt:

 

  1. Opening
  2. Overdracht clubeigendommen
  3. Huldiging kampioen
    1. feestrede voorzitter
    2. aanbieding geschenk
  4. Mededelingen bestuursvergadering 17 september 1939.
  5. Rondvraag
  6. Sluiting

 

Hierna heeft een Simultaanseance plaats. De kampioen speelt aan 9 borden:

 

1. Jan Luijten - Jo van Eck                1 – 0

2.             - Mathieu van Tienoven      ½ - ½

3.             - Jos Poort                 1 – 0

4.             - Emiel Luijten             ½ - ½

5.             - Pater vd Griendt O.F.M.   0 – 1

6.             - Jo van Tienoven           1 – 0

7.             - Lambert Dinnissen         1 – 0

8.             - Harrie Luijten            ½ - ½

9.             - Tonny van Nuland          1 – 0

 

Totaaluitslag: 5 gewonnen, 3 remise, 1 verloren.

 

Wit: Jan Luijten

Zwart: Emiel Luijten

Wijchen, Simultaanseance 24 september 1939.

1.e4 e6 2.Pc3 d5 3.d4 Lb4 4.a3 La5 5.e5 Pe7 6.Ld3 Ld7 7.f4 Pbc6 8.Le3 a6 9.Pge2 Pf5 10.Lxf5 exf5 11.b4 Lb6 12.Pxd5 Dh4+ 13.g3 Dg4 14.Pxb6 cxb6 15.d5 Df3 16.Tg1 Dxe3 17.dxc6 Lxc6 18.Dd3
Zie diagram.

Een mooie stelling met de dames zo naast elkaar! Zwart heeft 2 dubbelpionnen, maar wel een sterke loper en een iets veiligere koningsstelling.

18…De4 19.Dxe4 Lxe4 20.0–0–0 Tc8 21.Pd4 Tc4 22.Td2 b5 23.Tgd1 Tc3 24.Kb2 Tc4 25.c3 0–0 26.Kb3 Tfc8 27.Tc1 Ld5 28.Kb2 b6 29.h3 a5 30.bxa5 bxa5 31.Pxb5 ½ - ½
 
—™—™—™—™—™—™—™—™—™—™—
 

Een nieuw begin: 1950

 

10 jaar na de praktische liquidatie der voormalige Wijchense Schaakclub “Het Kasteel van Wijchen” besluiten enkele schaakliefhebbers (o.a. Jo de Haan en Jos Poort) om van de incidentele schaakmatches, die een tiental Wijchenaren onderling speelden en van enige wedstrijden tegen de Batenburgse schaakgemeenschap, te trachten weer tot schaken in clubverband te komen. Dit ten einde het schaakspel ernstiger te beoefenen en het peil omhoog te brengen.

 

Hiertoe wordt een vergadering belegd in Café Van Nuland op 4 mei 1950.

Aanwezig zijn: Pater Linders, Jos Poort, Jo de Haan, Frans Hormes, P. Schellekens, Mr. Wim Binnendijk, Tonny van Nuland en Jan Luijten.

Het ingediende voorstel ontmoet allerwegen instemming. De heer Jos Poort wordt gekozen als voorzitter van de club. Er wordt besloten om in principe ook schaaktheorie te beoefenen naast het reguliere competitiesysteem om voor het kampioenschap te spelen. Hierna worden enige vriendschappelijke partijen gespeeld. Afgesproken wordt ook om des maandagavond´s om de 2 weken te spelen. De contributie zal Fl. 0,10 per week bedragen.

 

De competitie zal worden gespeeld in 2 groepen.

 

Gevorderden              Beginners

Wim Binnendijk           Lambert Dinnissen

Jo de Haan               Frans Hormes

Pater Linders            Tonny van Nuland

Jan Luijten              P. Peters

Jos Poort                P. Schellekens

Drs. B. Seldenrath       Piet Sengers

 

Nog niet ingedeeld bleven L. de Bruin, B. Rouw, H. van Eck en C. Ramakers.

 

De te beoefenen schaaktheorie heeft verband met een kritische bespreking der gespeelde partijen, ten einde zo tot effectieve spelverbetering te komen. Pater Linders zal zich hiermee gaan bezighouden en in beginsel zal dit op de schaakavond van 20.00 uur tot 21.00 uur plaats vinden. Niet belangstellenden kunnen dus een half uur later komen. Lambert Dinnissen zal de schaakstukken voor het demonstratiebord maken.

 

Hierna wordt de 1e ronde der competitie gespeeld:

 

Gevorderden

Wim Binnendijk – B. Seldenrath    0 – 1

Jo de Haan – Pater Linders        1 – 0

Jan Luijten – Jos Poort           1 – 0

 

Beginners

P. Peters – L. Dinnissen          0 – 1

Piet Sengers – Tonny van Nuland   1 – 0

Frans Hormes – P. Schellekens     1 – 0

 

In februari 1951 kan de eindstand worden opgemaakt:

 

1. Pater Linders      11 punten uit 12 wedstrijden

2. Jo de Haan          8½

3. Wim Binnendijk      8

4. Jan Luijten         6½

5. Frans Hormes        2

6. Tonny van Nuland    1

7. Lambert Dinnissen   1

 

Wit: Wim Binnendijk

Zwart: Jan Luijten

Wijchen, interne Competitie 28 september 1950.

1.d4 d5 2.Pc3 Pf6 3.Lg5 Pc6 4.e3 Lf5 5.Lb5 e6 6.Pge2 h6 7.Lh4 Ld6 8.f4 Le4

9.Pxe4 dxe4 10.Dd2 0–0 Zie diagram 1, de opening is gespeeld en ging redelijk gelijk op. Wit komt echter in het middenspel geleidelijk aan wat beter te staan.

11.Lxc6 bxc6 12.Pg3 Db8 13.c3 g5 14.fxg5 Lxg3+ 15.hxg3 hxg5 16.Lxg5 Pg4 17.d5 cxd5 18.Th4 Pe5 19.b3 f6 20.Lf4 Pd3+ 21.Kd1 Pxf4 22.gxf4 Db6 23.f5 exf5 24.Dxd5+ Kg7 25.Dxf5 Dd6+ 26.Kc1 Th8 27.Tg4+ Kf7 28.Dg6+ Ke7 29.Txe4+ Kf8 30.Td4 Dc6 31.Kb2 Tg8 32.Dh6+ zie diagram 2, 1 – 0.

 

Diagram 1

Diagram 2

 

Enkele jaren later, in 1954, werd ons erelid Martin van Soest lid van de schaakvereniging. De gebeurtenissen uit de periode daarna zijn bekender, gemakkelijker te achterhalen en veelal vastgelegd in de Jubileumregisters van de vereniging. Dank zij Harrie Luijten hebben we nu de beschikking over waardevolle documenten en foto´s uit een eerdere periode. Het zou zomaar kunnen zijn dat onze vereniging veel ouder is dan dat we tot op heden altijd hebben gedacht. Erg interessant dus en boeiend genoeg voor mij om snel op zoek te gaan naar die allereerste Kasteelvoorzitter: Emiel Luijten! Wordt vervolgd…   

 

De Wijchense schaakpionier

Het verhaal van Prof. Dr. E.A.A. Luijten

Ritchy Duin

 

Het is de zaterdag na de vroegtijdig beëindigde Nijmeegse vierdaagse, 22 juli 2006. Vanwege de extreem warme weersomstandigheden werd deze nog voor de Dag van Wijchen afgelast. Gelukkig kunnen wij genieten van een verkoelende airco tijdens onze rit richting het uiterst zuidelijk gelegen Limburgse Heerlen. Een lange rit, maar volgens Peter Zieck en mijzelf zou het zeker de moeite waard moeten zijn. De onlangs boven water gekomen documenten zorgden immers voor een nieuw en belangrijk inzicht in de Wijchense schaakhistorie. Nieuwsgierig zijn we naar die allereerste Wijchense schaakpionier. Wij zijn klaar voor de Dag van Wijchen, die uit 1939!

 

Wanneer we Heerlen binnenrijden zien we al snel de naam “Luijten Advocaten” prominent op de gevel van een gebouw staan. Moeten we hier zijn? We besluiten verder te rijden naar de nabijgelegen Bekkerweg. Het eindpunt van onze route blijkt een fraaie witte en imposante villa met opvallend zware voordeuren.

Willy, de vrouw des huizes, heet ons welkom en gaat ons voor naar het achter het huis gelegen terras. We nemen plaats op comfortabele tuinstoelen en onder het genot van een lekker bakje koffie, genieten we van het uitzicht op de mooie achtertuin. Na enige minuten verschijnt de persoon waarvoor we deze reis hebben ondernomen.

 

Ontmoeting met Emiel Luijten (rechts)

 

Prof. Dr. E.A.A. (Emiel) Luijten ziet het levenslicht op 1 juli 1919 te Wijchen. Dit jaar heeft hij dus de leeftijd van 87 jaar bereikt. Zijn wieg staat in de Kromme Elleboog (Spoorstraat) op de plek waar momenteel de Hema is gevestigd. We krijgen een ingelijste foto van dit huis te zien. Nog steeds koestert Emiel dierbare herinneringen aan die plek. Emiel komt uit een gezin van 7 kinderen. Hij is het oudste kind van het onderwijs-echtpaar Emiel Luijten en Nelly Vervaart.

 

Linksonder: het bekende Laantje bij van Tienoven wordt veelvuldig bezocht door verliefde paartjes en Emiel weet zeker dat zijn bestaan hier ooit zijn oorsprong heeft gekend.

Rechtsboven: De Wijchense veemarkt (jaren 40) zorgt voor een flinke drukte in de in de Kromme Elleboog en de rest van de dorpskom.

 

Vader Emiel werd geboren in 1882. Gedurende 35 jaar, van 1913 tot 1948, is hij directeur van de Franciscusschool aan de Schoolstraat (nu: Touwslagersbaan) in Wijchen. In 1975 overlijdt hij. Met 93 jaar bereikt hij een respectabele leeftijd.

Moeder Nelly zag het levenslicht in 1896. Zij blijkt een zeer sterke vrouw en overlijdt op 97-jarige leeftijd in 1993. Zuster Nellie wordt geboren in 1920 en overlijdt door een verkeersongeluk al op 44-jarige leeftijd in 1964. Broer Jan, op 17-jarige leeftijd de 1e schaakkampioen van Wijchen in 1939, ziet 2 jaar later, in 1922 het levenslicht. Jan zal helaas al op 49-jarige leeftijd in 1971 sterven aan een hersentumor. Zuster Annie, wordt geboren in 1923, treedt in het huwelijk met Kasteelschaker Lambert Dinnissen. In 1978, op 55-jarige leeftijd, komt er een einde aan haar leven. Broer Harrie, wordt geboren in 1927, hij is de beheerder van het familiearchief en leverancier van de waardevolle documenten aan onze Schaakvereniging. Momenteel is hij 79 jaar oud en woonachtig in Tilburg. Zuster Louise komt in 1933 ter wereld. In 2001, moet zij afscheid nemen van dit leven. De jongste van het gezin, broer Ton, wordt geboren in 1939. Momenteel heeft hij de leeftijd van 67 jaar.

 

Vol trots vertelt vader Emiel in september 1938 aan Emiel Junior het nieuws over de komst van een 7e telg. Een hele verrassing uiteraard, om er als knaap van 20 nog een broertje of zusje bij te krijgen. Maar wel leuk en spannend, helemaal wanneer blijkt dat hij de Peter zal worden van zijn jongste broer.

 

Wijchen wordt in het begin van de vorige eeuw regelmatig geteisterd door overstromingen. Bij veel huizen is er dan ook wel ergens een bootje opgeslagen om in deze moeilijke tijden nog enigszins mobiel te zijn. Vooral na de slagregens in de herfst stroomt het water regelmatig met grote snelheid tussen de maasdijken door. Onstuimig worden de dijken keer op keer op de proef gesteld en met man en macht wordt er dan getracht de dijken bij Niftrik en Overasselt te verstevigen met zand- en grindzakken.

Stijging van het rivierwater gaat gepaard met verhoging van de grondwaterstand tot boven het maaioppervlak. Dit zogenaamde kwelwater is een ramp voor de boeren. Wanneer het water daarna weer gaat zakken is de malaise nog niet verdwenen want op zulke momenten steekt de zinkingskoorts de kop op. Dit drijft vele mensen naar de koortsboom bij de Ruïne van St. Walrick of zelfs naar het kerkhof.

Het is 31 december 1925 wanneer een complete watersnoodramp Wijchen en omstreken treft. De dijkdoorbraak bij het Hoogeerd in Niftrik zorgt voor flinke ellende. De Zandstraat (nu: Kasteellaan) lijkt meer een rivier die uitmondt in de Kasteelgracht. Koningin Wilhelmina komt een bezoek brengen aan Wijchen en Emiel is getuige van het moment dat de Koningin in de Kromme Elleboog door mariniers in een bootje wordt getild en zo een tocht maakt naar het rampgebied in Alverna. Tegenover het Franciscanenklooster (dat als opvangcentrum fungeert) ziet ze met eigen ogen hoe enorm de schade is.

Koningin Wilhelmina bezoekt Wijchen

 

In 1927 start men de bouw van een nieuw woonhuis naast de Franciscusschool aan de Schoolstraat (nu: Touwslagersbaan). Emiel krijgt, op 8-jarige leeftijd, de eer om de eerste steen te leggen. Deze steen zou hij vele jaren later, opnieuw inmetselen tijdens de bouw van zijn huidige woning in Heerlen.

 

Het huis aan de Kromme Elleboog wordt verlaten en het woonhuis nabij de Franciscusschool wordt, vanaf 1927, het nieuwe onderkomen van de familie Luijten.

Dit huis zal een belangrijke uitvalsbasis worden voor de ondernemende Emiel.
 
De Franciscusschool (gebouwd in 1882) is van oudsher een openbare school. Vanwege dit karakter komen leerlingen (allen op klompen) vanuit heel Wijchen en omliggende dorpen hier naar toe. In 1927, na de wettelijke gelijkstelling van het bijzonder onderwijs, wordt de school onder het beheer van de Rooms Katholieke kerk geplaatst. De pastoor is daarmee ook de baas van de school. Dit leidt uiteraard wel eens tot conflicten met schooldirecteur Luijten.
 

Het is ook vader Luijten die zijn zoons leert schaken. Tot het moment dat de jongens de schaakpartijen van hun vader weten te winnen, want dan is het bij vader snel over met het enthousiasme voor een partijtje schaak. Voetballen is te volks en niet geschikt voor zijn zoons. Wel stimuleert hij het schaatsen en schaken (een mooie combinatie) en ook de tennissport mag zijn goedkeuring zeker wegdragen.

   

Het ijzeren hek op de dam

De Meer is in die tijd ook veel breder dan tegenwoordig. Het buurtschap Woord gelegen aan de andere (Zuidelijke) kant van De Meer is per boot te bereiken. De familie Van der Aa, die de overtochten verzorgt doet dit uiteraard tegen betaling. Op een gegeven moment wordt er een dam gelegd om beide oevers met elkaar te verbinden. In het midden hiervan wordt een ijzeren hek met een poort geplaatst, zodat de familie de inkomsten niet hoeft te missen. Passanten betalen 1 cent tol en met de fiets 2 cent.

De jeugd heeft dat er meestal niet voor over en kiest vaak voor een omweg om aan de andere kant te komen. Na enige tijd wordt ook de dam vervangen door een tolvrije brug.

 

Emiel gaat voor het middelbare onderwijs naar het Canisius College aan de Berg en Dalseweg in Nijmegen. Hier wordt overigens ook veel geschaakt o.l.v. de paters Jezuïeten (Pater Krekelberg is een bekende naam uit de geschiedenis van schaakclub SMB-Nijmegen).

Bijna iedere dag wordt het traject Wijchen-Nijmegen fietsend afgelegd. Behalve in de koude wintermaanden, dan wordt er regelmatig meegelift met een Wijchense

bakkersknecht. Deze moet met de bestelauto ook vroeg in Nijmegen zijn en gaat laat in de middag weer terug. Emiel moet zich dan haasten om op tijd op het Mariaplein te zijn zodat hij mee terug kan rijden.

 

Een Wijchense bakkersbestelauto

Op een dag, kort voor kerstmis 1932, gebeurt er een ernstig ongeluk, wanneer een, op de Teersdijk rijdende vrachtauto een noodstop maakt en kerstboomstammen uit de laadbak van de vrachtauto door de voorruit van de bakkersauto schieten. Emiel wordt daarbij geraakt en raakt licht gewond.
 

Achter de Franciscusschool wordt door de broers Luijten een wielerbaan van zand aangelegd. Ook zijn er regelmatig door de straten in het centrum wielerwedstrijden. Emiel mag zich hier graag mee bezig houden. Tot ´s-avonds laat duren de wielerwedstrijden dan. Sommige dames staan aan de kant van het parcours en schreeuwen telkens luidkeels: “foei, geen licht en ook geen achterlicht!”.

 

In de dertiger jaren is Van Densen de Wijchense veldwachter. Hij is geen vriend van dat wielrennen. Op de Zandstraat wordt Emiel dan ook regelmatig op de bon geslingerd vanwege het fietsen zonder bel!

 

Met een aantal van ± 10.000 deelnemers is de Nijmeegse vierdaagse een stuk minder massaal dan in de huidige tijd. In de jaren 1938 en 1939 loopt Emiel ook mee in het wandelfestijn. Zijn maatje Mathieu Vossen gaat hem voor op de fiets, zodat hij, mocht Emiel onverhoopt uitvallen, als bezemwagen zou kunnen fungeren. In een moordend tempo loopt hij in 1938 achter de groep van de Hitlerjugend, niet om aan te klampen, maar het helpt de vaart er in te houden. Er wordt daar flink de zweep over gelegd en op een gegeven moment wordt er zelfs ééntje uit de groep helemaal verrot gescholden omdat die niet verder kan vanwege een blindedarmontsteking.

 

In 1939 staat Emiel aan de basis van de eerste Wijchense tennisvereniging. De baan wordt op het schoolplein van de Franciscusschool ingericht. In eerste instantie krijgt deze vereniging de naam “Lucky Strike”, naar het bekende sigarettenmerk dat zeer populair is in die tijd. Vrolijk wordt vader Luijten er niet echt van, want regelmatig sneuvelt er een ruit van de school door weer een afzwaaier. Later zal deze tennisvereniging verder gaan onder de naam “Grootven”.

Op het 50-jarige jubileum in 1989 wordt Emiel benoemd tot erelid van de tennisvereniging. Sindsdien hangt ook zijn racket uit 1939 in het clubhuis.

 

Wanneer in 1935 de Nederlander Max Euwe de Rus Alexander Aljechin verslaat in de match om het wereldkampioenschap schaken, betekent dat een schaakhausse in heel Nederland. Euwe is uiteraard het grote voorbeeld voor iedere Nederlandse schaakliefhebber. Emiel volgt de prestaties van de Nederlandse Wereldkampioen met veel interesse. Gespeelde partijen worden uit de krant geknipt en aandachtig nagespeeld. Er gaan in die tijd geruchten dat Aljechin wel eens een glaasje teveel op heeft gehad voor hij een partij moest spelen in de match tegen Euwe.

 

Max Euwe

 

Alexander Aljechin

 
Via kapelaan Chermin wordt er begin 1939 een afspraak geregeld met Pater Probus van der Griendt OFM in het Franciscanenklooster van Alverna. Zo komt het dat de gezworen kameraden Jos Poort, Jo van Tienoven en Emiel Luijten richting Alverna fietsen op zondag 12 maart 1939. De jongemannen worden hartelijk ontvangen in de spreekkamer van de Pater, waar tot hun spijt niet mag worden gerookt. De bezoekers vertellen eerst wat over zichzelf. Daarna wordt er naar voren gebracht dat er behoefte is aan schaakonderwijs en worden de mogelijkheden om een schaakvereniging in Wijchen te beginnen besproken.

 

Het onderhoud duurt ruim een uur en op het eind wordt besloten om een eerste vergadering te beleggen voor schaakliefhebbers op zaterdag 18 maart 1939 in de Franciscusschool. Tijdens de 3e bijeenkomst op donderdag 30 maart 1939 wordt Emiel, na schriftelijke stemming, gekozen tot voorzitter. Ook wordt de naam van de nieuwe vereniging gekozen: RK schaakclub “Het Kasteel van Wijchen”. Dit is geen moeilijke keuze, de naam heeft een krachtige uitstraling.

 De jonge Emiel Luijten

 

Het Patronaatsgebouw op de markt, fungeert als schaakonderkomen. Helaas is deze locatie niet altijd beschikbaar, maar dan kan men terecht in de school. In het begin wordt er met slechts 2 schaakspellen gespeeld welke van huis worden meegenomen. Na afloop van de schaakavond worden deze spellen ook weer mee terug genomen. Schaakklokken zijn er niet, maar de nadenktijd wordt onderling afgesproken.

 

Pater Probus wordt, enkele maanden na de start van de schaakclub, door zijn kloosteroverste tot de orde geroepen aangezien hij teveel tijd aan schaken besteedt. Hierdoor zou hij niet genoeg aandacht aan de lessen van de opleiding voor jonge priesters kunnen geven.

 

Dreigende geluiden klinken in die dagen met regelmaat uit de radio´s die de inwoners van Wijchen gespannen beluisteren. De stem van Hitler schalt uit de luidsprekers over het marktplein. Er zijn al Duitse troepen gesignaleerd in de plaatsjes Wyler en Kranenburg, net over de grens bij Nijmegen.

 

Nederland kiest ervoor om een neutrale positie in te nemen, maar hoeveel is dat waard?

Op 10 mei 1940 is het zover: de Duitse inval begint en de vijand staat al in Nijmegen. In Wijchen is Henk Dinnissen helemaal van streek en maakt duidelijk dat hij die dreigende sfeer niet meer aan kan. Hij gaat er op de fiets vandoor richting Batenburg. Na vier uren komt hij weer terug en op de vraag wat hij heeft meegemaakt antwoordt hij: “een klein veurpruufke van den oorlog!!”.

 

Duitse troepen trekken verder ons land binnen en na de slag op de Grebbeberg bij Rhenen en het bombardement van Rotterdam is de capitulatie op 15 mei een feit.

 

Prompt worden alle politieke partijen verboden door Hitler. De enige partij die voorlopig wel mag blijven bestaan is De Nederlandse Unie. De Wijchense notaris Van Lonkhuijsen vraagt Emiel om deze partij in Wijchen op te starten. Emiel heeft daar wel oren naar en samen met Jos Poort richt hij de Wijchense afdeling van De Nederlandse Unie op. Als plaatselijk leider staat hij vervolgens regelmatig samen met zijn plaatsvervanger Jos Poort voor de Antonius Abt-kerk om partijkrantjes uit te delen. Het is voor hen de manier om nationale gevoelens te uiten en zich af te zetten tegen de bezetters. De partij zal bestaan tot mei 1941, de Duitsers vinden het dan nodig om ook deze partij te verbieden. De voortrekkersrol die Emiel bekleedde heeft wel grote gevolgen. Sindsdien staat hij namelijk bij de Duitsers op het lijstje van verdachte personen en zal er jacht op hem worden gemaakt.

Het Franciscanenklooster wordt door de bezetters in gebruik genomen als hoofdkwartier. Later blijkt er een grote zwijnenstal van gemaakt te zijn.

Op de deuren van de Café´s verschijnen in opdracht van Hitler bordjes “verboden voor Joden”. Het hele verenigingsleven wordt door de bezetter onmogelijk gemaakt. Tot 1942 wordt nog wel de schaakcompetitie gespeeld in Wijchen. Het schaken is ook een soort afleiding voor de liefhebbers.

Bijeenkomsten van meerdere personen zijn echter verdacht en alle aantekeningen i.v.m. bepaalde activiteiten kunnen tegen je worden gebruikt.

Vader Luijten gaat dan ook al snel over tot het in de tuin begraven van al het materiaal dat er in huis is te vinden over Emiel, vanwege mogelijke invallen door de Duitsers.

 

De Wijchense dokter Bernard Seldenrath blijkt een (over)moedig man.

Wanneer de collectanten van de “Winterhilfe” voor de Duitsers aan de deur verschijnen antwoordt hij: “geen cent voor de rotmof!”.

De arrestatie maakt op hem geen indruk en na 6 maanden loopt hij weer rond als vrij man. De eerstvolgende keer antwoordt hij wederom gedecideerd: “geen cent voor de rotmof!”. Waarop hij opnieuw in de kraag wordt gevat en maandenlang vastzit.

 

Op 22 augustus 1942 vlucht Emiel naar Amsterdam. Helaas wordt hij op 9 februari 1943 toch gearresteerd en via het interneringskamp in Vught volgt een transport naar Duitsland. Daar wordt hij als dwangarbeider ingezet in een cementfabriek bij Heidelberg. Op 30 juni 1944 krijgt hij verlof om enkele dagen naar Nederland te gaan zodat hij nieuwe kleren op kan halen. Van dit verlof keert hij niet terug. Hij duikt onder op verschillende adressen te Wijchen.

 

Broer Jan studeert in Amsterdam maar gaat enkele dagen per week op en neer naar Wijchen. Op hem wordt jacht gemaakt omdat hij eigenlijk in de “Arbeitseinsatz” zou moeten. Slechts weinig Nederlandse jongemannen laten zich echter overhalen om in dienst te gaan bij de, op Duitse leest geschoeide, Arbeidsdienst. Bij de inval in het huis van de familie op 22 augustus 1944 moet Jan zich onder de matras in het bed van zijn jongere broer Harrie verstoppen. Moeder roept dan naar de Duitsers: “er hat eine ansteckende Krankheit!”. Mede daardoor kan Jan dan ontsnappen en vluchten naar Klooster Tienakker.

 

Op 17 september 1944 gebruikt Emiel een hooiberg bij boer Kleijnen aan de Oosterweg als schuilplaats, terwijl Jan dan al onderdak heeft gevonden in Klooster Tienakker. Maar heerlijk is de vrijheid. Ze verlaten hun schuilplaatsen als de Engelse parachutisten landen. Bij de brug van Grave sluiten beide broers zich bij hen aan. Emiel wordt sergeant en tot 7 mei 1945 gaat hij mee met de veldtocht van het Engelse leger.

 
Wijchense jongens sluiten zich aan bij het Engelse leger

 

Na de wapenstilstand blijft hij in dienst als militair griffier in de Engelse rechtbanken in Duitsland. Geëvacueerde Duitsers uit het Rijnland keren terug naar hun woonplaats en dienen daarvoor een pasje te halen bij het bureau van het militaire bestuur. Emiel verstrekt de pasjes en voor één van de terugkerenden heeft hij aanzienlijk meer belangstelling: Claire Winnikes.

 

Op 24 oktober 1946 trouwen Emiel en Claire. Het echtpaar krijgt 4 kinderen.

Melissa komt ter wereld in 1948, trouwt met een Italiaan en woont vele jaren in Rome. In 1949 wordt Marion geboren, zij woont in Nijmegen. Roel ziet het levenslicht in 1951 en treedt in de voetsporen van zijn vader als notaris in Landgraaf. In 1954 komt nummer 4 Rob, hij werkt als advocaat in Heerlen.

 

16 november 1946 wordt Emiel gedemobiliseerd. Na de verhuizing naar Rotterdam eind 1946 slaagt hij in 1947 voor zijn laatste examen notariaat.

 

De baan met huis die hij dan aangeboden krijgt als kandidaat-notaris bij een notaris in Nieuwenhagen (nu gemeente Landgraaf) accepteert hij graag en dit betekent zijn vertrek naar het Limburgse land. Hij is als kandidaat daarna nog werkzaam in Sittard en Heerlen. Van 1964 tot 1987 is hij zelfstandig notaris te Heerlen.

 

Na het overlijden van Claire, op 17 september 1982, vindt Emiel nieuw levensgeluk bij de 25 jaar jongere Willy. Ze hebben elkaar in Nijmegen leren kennen op de Universiteit. Als gemeentelijk functionaris voltrekt Jos Poort op 8 juni 1985 hun huwelijk, uiteraard in Het Kasteel van Wijchen. De kerkelijke inzegening vindt daarna plaats in het kerkje van Batenburg.

 

De KU Nijmegen (tegenwoordig Radboud Universiteit) maakte van 1958 tot 1988 gebruik van de kennis van Emiel. Na zijn hoogleraarschap notarieel recht en zijn notariaat te Heerlen, start Emiel een advocatenkantoor in die plaats. Echtscheidingsrecht en erfrecht zijn de specialisaties van dit vooraanstaande Limburgse kantoor, waarin ook Willy als adviseur een belangrijke rol speelt. Samen met Willy geeft hij ook veel cursussen aan advocaten en notarissen. Samen schrijven zij tevens boeken over het huwelijksvermogensrecht en het erfrecht.

 

In Heerlen kende Emiel nog een genoeglijk weerzien met een oude bekende uit Alverna: Pater Probus van der Griendt OFM. Deze is na het ter ziele gaan van het klooster in Alverna vertrokken naar Zuid-Limburg. In het Limburgse land is de Pater uiteindelijk ook overleden.

Wijchen is flink veranderd door de jaren heen. Historische gebouwen verdwijnen, nieuwbouw komt ervoor in de plaats. Het weidse boerenlandschap is volgebouwd met huizen. De 5.000 inwoners uit 1939 zijn geworden tot 40.000 inwoners in de hedendaagse tijd. Wanneer Emiel weer eens een enkele keer een bezoek brengt aan Wijchen wordt één plek zeker ook bezocht: het voorplein van de kerk Antonius Abt. Als de dienst dan is afgelopen, de zware kerkdeuren openslaan en de mensenmassa naar buiten stroomt, zoekt hij naar bekende gezichten. Helaas, weer niemand die hij herkent…

 

Van zijn zussen kreeg Emiel een

fraai Afrikaans zeepstenen schaakspel

Emiel werpt een kritische blik in ons Jubileumboek van 1997.

 

De reis naar Heerlen betekende niet het einde van een verhaal, integendeel. Natuurlijk stamt onze schaakvereniging al uit het jaar 1939, maar waarom is er in 1986 tijdens het notarieel vastleggen van de statuten gekozen voor de oprichtingsdatum 30 oktober 1947? Was ons erelid Wim Binnendijk wel of niet de 1e voorzitter van onze vereniging? Waren er in 1986 wel onderliggende documenten die dat konden onderbouwen of heeft men deze gegevens slechts uit verhalen van vroeger?

 

Wanneer er sprake is van een mogelijke wijziging van de oprichtingsdatum is uiterste zorgvuldigheid van het grootste belang. De afgelopen maanden stonden daarom in het teken van een speurtocht om feiten en gegevens uit 1947 boven water te krijgen.

 

  • Erelid Martin van Soest, lid sinds 1954, kent vele namen uit de jaren 50, maar heeft niet de informatie die mij verder helpt. Wel weet hij te vertellen dat Wim Binnendijk géén voorzitter was…
  • De heer Jansen van de historische vereniging Maas en Waal is onder de indruk van mijn bevindingen en duikt in het archiefmateriaal van de vereniging. Helaas komt hier vooralsnog geen aanvullende informatie uit naar voren.
  • Er gaat een brief naar het Notariaat waar onze statuten uit 1986 zijn gearchiveerd. Het verlossende antwoord laat niet lang op zich wachten en luidt: bij het passeren van de statuten in 1986 zijn geen documenten overlegd die de oprichtingsdatum bekrachtigen!
  • In de notulen van de bestuursvergaderingen uit 1985 en 1986 wordt ook geen melding gemaakt van discussie over een oprichtingsdatum.
  • Ook Ton Wouters, Rob Duin, Pieter Leenders, Ton Ketterings en Jan van de Pol (allen bestuursleden ten tijde van de statutenvastlegging) kunnen me niet aan nieuwe informatie helpen.
  • Een bezoek aan Theo Binnendijk, de zoon van Wim Binnendijk, lijkt hoopgevend. Op onze website heeft hij mijn verhaal onlangs gelezen en dit interesseert hem enorm. Volgens Theo was zijn vader meer een penningmeester, die er voor zorgde dat de club altijd de contributiegelden netjes binnenkreeg. Met een goedkeurende blik bekijkt hij de oude documenten uit 1939, 1940 en 1950. Hij weet te vertellen dat zijn vader veel in dagboeken had bijgehouden en gaat deze boeken nazoeken op waardevolle informatie voor de schaakvereniging. Uiteindelijk blijken er in de dagboeken uit de periode 1947/1948 geen noemenswaardige passages te zijn opgenomen over het schaken in Wijchen. Theo Binnendijk geeft aan geen enkel probleem te hebben met een eventuele wijziging van de oprichtingsdatum.
  • De gemeente Wijchen wordt benaderd om de gemeentelijke archieven door te kunnen spitten. Resultaten hiervan zijn tot op heden nog niet bekend.
  • Kranten worden verzocht om de historische uitgaven te screenen op enige berichtgeving aangaande de oprichting van een Wijchense schaakvereniging.
    Ook hiervan is nog niet bekend of er aanvullende informatie uit voort gaat komen.

 

In dit verslag komt fotomateriaal voor dat afkomstig is uit het boek “Wanne Proat”.

Auteur Pedro Willems heeft hier zijn goedkeuring aan gegeven.

 
Schaakgroet van uw 1ste voorzitter

  

Beste Wijchense schaakvrienden,

 

In de zesde eeuw werd het edele schaakspel uitgevonden in wat vandaag India heet; vandaar kwam het tot grote bloei in Perzië, dat nu Iran heet, maar pas in de negende eeuw werd het in

Europa gespeeld, waar het met name in West-Europa en in Rusland intens beoefend werd en wordt.

 

In ons land beleefde ik in mijn jeugd te Wijchen de episode van het wereldkampioenschap van onze enige Nederlandse wereldkampioen, Dr Max Euwe (1935-1937). Mijn vader leerde ons het spel en in 1939 richtte ik met mijn broer Jan en enkele vrienden de schaakclub “Het Kasteel van Wijchen” op. Door oorlog, gevangenschap en militaire dienst werd er van 1942 tot 1947 niet meer in clubverband gespeeld. Pas in 1950 werd de eerste bijeenkomst van de vernieuwde schaakclub gehouden.

 

Mijn broer Harrie, die in de familie alle mogelijke historische documenten en voorwerpen bewaart – zo heeft hij nog mijn fietsvlaggetje van NEC uit 1930(!) en ook het archief uit de beginjaren van de schaakclub “Het Kasteel van Wijchen”, dacht Uw vereniging met dit laatste een plezier te doen en nam contact op met Uw bestuur. Dit was de openingszet van ijverig speurwerk, dat de oorsprong van Uw vereniging blootlegde; de paardensprong in de historie is gelukt!

Ik verheug mij bijzonder dit alles nog te mogen beleven. Misschien dat ik nog eens via de lange rokade in Uw midden mag zijn!

 

Ik breng U vanuit het Zuiden, waar ik reeds lang woon, een hartelijke schaakgroet!

 

Emile Luijten

 

"Uw toewijding deed anderen volharden"

 Jo van Tienoven: medeoprichter S.V. Het Kasteel in 1939

Ritchy Duin

 

Met het opsporen van Emiel Luijten werd vorig jaar de echte beginperiode van het Wijchense schaakleven bloot gelegd. Onlangs kwamen we tot de ontdekking dat er nog een tweede Wijchense schaakpionier in Nederland rondloopt. Een zeer bijzonder persoon: Jo van Tienoven. Evenals zijn jeugdkameraad Emiel Luijten is hij momenteel 87 jaar oud. In 1939 en 1940 was hij secretaris van de RK Schaakclub “Het Kasteel van Wijchen”.

 

De derde oprichter van onze vereniging, Jos Poort, zullen we helaas niet meer kunnen opsporen, hij is inmiddels overleden.

Jo van Tienoven

 
Er staat een straffe wind als we op zondagochtend 18 maart 2007 uit de auto stappen in het centrum van het Brabantse Uden. Het bloemenboeket waait haast uit mijn handen en snel zoeken medebestuurslid Daan Derks en ikzelf de toegangsdeur van het appartementencomplex De Gildenhof. Op de galerij van de 2de verdieping zien we een man in een deuropening ons vriendelijk wenken. Dat moet hem zijn, die andere Wijchense schaakpionier uit 1939: Jo van Tienoven.

 

Op 19 januari 1920 zag Johannes Marinus Matheus van Tienoven, of zoals hijzelf liever aangesproken wil worden: Jo, het levenslicht. Zoon van de bekende Wijchense Moeke van Tienoven en vader Arnold van Tienoven. Hun woonboerderij was gelegen aan ’t Laantje naast klooster Tienakker en heeft daar gestaan tot in de jaren 80. Vader Arnold overleed al op 67-jarige leeftijd, maar Moeke van Tienoven zou hier nog lange tijd blijven wonen. Pas in de jaren 80 verhuisde zij naar het verzorgingstehuis De Elsthof. Jo had nog twee broers, Mathieu en Theo en zeven zussen. Daarnaast waren er nog 2 pleegkinderen opgenomen in het gezin. Vader Arnold was van oudsher sigarenmaker.

 

Evenals Emiel Luijten, zat Jo tijdens zijn kinderjaren op de Franciscusschool aan de schoolstraat in Wijchen. Ook hij weet zich de wielrenwedstrijden goed te herinneren op de rond de school aangelegde wielerbaan. Jo was regelmatig te vinden bij de Jonge Werkman (De jongerentak van de Katholieke Bond) en werd daar later ook bestuurslid van.

 

Na het basisonderwijs was Jo als jonge knaap werkzaam in de woninginrichting bij Harrie Arts (van Arts de Groot) waar hij zeer bedreven was met houtsnijwerk. De taartvormen die bakkers gebruikten kwamen veelvuldig van zijn hand. Samen met de bekende Wijchenaar Piet Hopman, wist hij menig kunststukje te vervaardigen.

 

Voor de schaaktheorielessen die Pater van der Griendt verzorgde wist hij een fraai demonstratiebord te maken. De stukken werden met een pin op de juiste plek in het bord geprikt. Broer Mathieu, die een jaar jonger was dan hij, volgde hem in 1939 naar de wekelijkse schaakbijeenkomsten van de Wijchense vereniging. In 1940 speelde Jo een schaakpartij tegen dr. Philips, de man achter het grote concern.

 

Op 3 februari 1940 ging Jo onder de wapenen en werd gelegerd in Enkhuizen. Hier bleef hij tot 1941. In 1940 sneuvelden 7 oud klasgenoten van Jo tijdens de slag op de Grebbeberg. Jo wist wonderbaarlijk genoeg te ontsnappen aan dit noodlot doordat hij toevallig net onderweg was met een gewondentransport. Zijn klasgenoten werden allen begraven in 1 graf.

 

Na de Duitse overmeestering volgde de tewerkstelling in de “Arbeitseinsatz”. Jo weet zich nog goed te herinneren dat ze In Venlo bouwwerkzaamheden saboteerden door zoutzuur in het cement te mengen, waardoor uiteindelijk complete dakterrassen naar beneden stortten.

 

Als straf werd de hele groep van Jo naar Duitsland getransporteerd om als metselaars schuilkelders te bouwen onder huizen. Het Torpedobombardement van Krefeld zorgde ervoor dat de treinrails van het traject Krefeld - Dusseldorf de lucht in vlogen. Doelwit was een munitiedepot, dat aan deze route lag. Jo vluchtte naar de Limburgse kolenmijnen waar hij vanaf 1943 1½ jaar aan het werk zou gaan.

 

Aan de Duitsers heeft Jo nog meer slechte herinneringen, want ze namen ook zijn fraaie Ivoren schaakspel in beslag.

 

In 1946 verhuisde Jo naar Den Bosch, waar hij in 1947 in de Bossche Barthuskerk in het huwelijk trad met Nellie van Well. Samen kregen zij 3 zonen. Het was een moeilijke periode, waarin elk dubbeltje 3x omgedraaid moest worden. Het echtpaar is nog steeds samen en op 12 mei 2007 vieren ze hun 60-jarige bruiloft.

 

Eén keer werden er voor de kersttijd gratificaties uitgedeeld en ook Jo mocht maar liefst 500 gulden mee naar huis nemen. Hij had vernomen dat zijn zoontje geen schoenen meer had en zodoende ging hij eerst langs de schoenmaker om een nieuw paar voor hem te kopen. Thuis aangekomen was zijn gezin blij verrast.

 

In 1945 en 1946 werkte Jo in de Bossche machinefabriek van de heer S. Pikee. Via Pikee kwam Jo terecht bij schaakvereniging Hertogstad uit Den Bosch. Hoogtepunten voor hem waren de teamwedstrijden met het 1ste team in de hoofdklasse van de Landelijke schaakbond. Combinaties van 7 tot 8 zetten diep waren wel aan hem besteed. De schaakbond was destijds ingedeeld in Noord en Zuid, zodat er werd geschaakt tegen clubs uit Kerkrade, Roermond, Maastricht, Tilburg, Eindhoven, Vlissingen etc…

 

Hierna werkte Jo als leraar in het vakonderwijs in het district Den Bosch. Dit vakonderwijs was er om werklozen om te scholen naar een ander beroep. Met zijn uitgebreide ervaring en kennis kon hij leerlingen helpen bij omscholing naar wel 20 beroepen, zoals automontage, metaalbewerking, draaiwerk, bouwbedrijf etc…

Bij het vakonderwijs trad Jo ook al op als hoofd bedrijfshulpverlening. In deze functie maakte hij heel wat mee. Heldhaftige optredens waren aan Jo wel besteed. Zo reed hij eens met zijn auto met alarmlichten aan en claxonerend tegen het verkeer in door centrum Den Haag om een collega snel bij het ziekenhuis af te leveren. De Commissaris van de koningin had dit ook vernomen en spelde hem o.a. hiervoor een Koninklijke medaille op.

 

Vanaf 1963 woont de familie Van Tienoven in het Brabantse Uden. Het woonhuis werd in de begintijd vaak opengesteld voor internationale sporters die een tijdelijk onderdak zochten. Op de zolderverdieping konden heel wat luchtbedden liggen.

 

De Nijmeegse 4-daagse heeft Jo totaal 10x gelopen. Hij onderging maar liefst 5 zware operaties en nadat hij een open hartoperatie had ondergaan, liep hij zelfs nog tot 5x toe deze 4-daagse.

De longkanker die op een gegeven moment bij hem werd ontdekt had tot gevolg dat Jo momenteel nog slechts 1 long heeft. Door een hersenbloeding werd zijn fysieke gesteldheid ook nog eens verslechterd.  

 

In zijn leven heeft Jo veel vrijwilligerswerk gedaan. Zo heeft hij 2 wandelsportverenigingen opgericht, één in Groesbeek (Crescendo) en één in Wijchen (OKE). Daarnaast was hij bestuurslid van verzamelaarsverenigingen op het gebied van postzegels, sieraden en sigarenbandjes.

 

Via het Rode Kruis heeft hij samen met zijn vrouw 10 jaar lang minder validen begeleid naar bedevaartsoord Lourdes. Ook tijdens de Nijmeegse 4-daagse trad hij samen met zijn vrouw veelvuldig op als verplegend verzorger. Dit alles werd zeer gewaardeerd door o.a. de KNBLO. Deze organisatie verstrekte hem een medaille met het volgende opschrift: “Uw toewijding deed anderen volharden!”. Het zijn woorden als deze die Jo bijzonder waarderen kan en waardoor hij met een tevreden blik terug kan zien op een mooi, dienstbaar en waardevol leven!

 

Kasteellid van verdienste!

Houdoe Wà

 

Een ander cadeautje: Een mooi boek over Wijchen

 

Het artikel over de historie van onze club dat

de Wegwijs heeft gehaald wordt

 met interesse bekeken.

 
Natuurlijk is ons clubblad ook van de partij.

Aan het einde van ons bezoek wordt er natuurlijk

 ook nog een schaakbord bijgehaald.

 
1.e4 was de vaste openingszet van Jo
 
 

 

Schaakgroet van uw 1ste secretaris

 

Uden, 29 maart 2007

 

Geachte schaakvrienden,

 

Het was ons een waar genoegen uw secretaris dhr. R. Duin en wedstrijdleider dhr. D. Derks te kunnen ontvangen.

 

“Wie zaait zal oogsten”, onze inzet tot oprichting van de schaakvereniging “Het Kasteel” op een stevig fundament is gelegd door ons kwartet Pater van der Griendt, Emile Luijten, Jos Poort en ondergetekende.

 

Het was een team, dat moet je zijn, een team dat een fundament legt wat van kwaliteit is, waarop je verder kunt bouwen, zoals hier bij jullie, dat al zoveel jaren bestaat: actief en met groot resultaat.

 

Ik, als oud secretaris, feliciteer jullie hiermee en hoop dat de vereniging nog vele jaren leeft en slaagt in de opzet.

 

Ik feliciteer ook de jubilarissen, het betekent grote clubliefde en je bent geen eendagsvlieg.

Wat de onderscheiding betreft, die ik uit handen van de secretaris ontving: dit is en was voor mij en mijn vrouw een onvergetelijke waardering voor onze inzet en voor jullie nu het vruchtgebruik.

 

Blijf ermee doorgaan!

 

Jullie “Lid van Verdienste”,

 

Groetend,

 

Jo van Tienoven

Jo van Tienoven en Ritchy Duin

Secretarissen anno 1939 en 2007

 
1939: Kasteelschakers tijdens de oorlogsjaren

Ritchy Duin

 

Zondag 4 mei staat in het teken van het 1ste Giesbers Jeugdschaaktoernooi.

Maar natuurlijk staan we deze dag ook stil bij de gebeurtenissen tijdens de 2de wereldoorlog.

 

In een korte periode voorafgaand aan de 2de wereldoorlog werd er fanatiek geschaakt in Wijchen. Op 30 maart 1939 werd tijdens de 3de schaakbijeenkomst van de nieuwe schaakvereniging de volgende naam gekozen: “R.K. Schaakclub Het Kasteel van Wijchen”. Er werden ook bestuursleden gekozen: Voorzitter Emile Luijten, Secretaris Jo van Tienoven, Penningmeester Jo Poort en Technisch Adviseur (schaaktrainer) Pater Probus van der Griendt. In een tijd die gekenmerkt werd door economische recessie, politieke machtsspelletjes, de dreiging van Nazi-Duitsland, maar ook de schaaksuccessen van Max Euwe. Wijchen telde slechts een kleine 6000 inwoners.

 

De clubavonden vonden plaats in “Het Patronaat”, het katholieke verenigingsgebouw aan de markt (boven Bufkes, links van Cinema Roma).

 

De foto hieronder is gemaakt in oktober 1939 bij het Musis Sacrum in Arnhem. Allen waren schakers van de “R.K. Schaakclub Het Kasteel van Wijchen”.

 

Boven vlnr: Henk van Eck, Jo Poort, Emile Luijten, Jo van Tienoven en Tonny van Nuland.

Onder vlnr: Jo van Eck, Pater Werner Chermin (Kapelaan Antonius Abt) en Mathieu van Tienoven.

 

Jo van Tienoven is nu 88 jaar

Het schaakspel uit 1939 van Jo van Tienoven, waarmee gespeeld werd op de clubavonden

 

Vreemde spelletjes...

Uit: Jubileumboek 1997

 

Eén van meest opvallende kenmerken van de manier waarop we het schaakspel bij Het Kasteel spelen, is de opmerkelijke voorliefde voor weinig courante openingen en soms ronduit dubieuze varianten.

 

Voor de volledigheid, niet alle partijen die hierna volgen, zijn gespeeld in een interne of externe wedstrijd van Het Kasteel, maar ze typeren de spelers en oud-spelers van Het Kasteel wel in hoge mate. Spijtig genoeg is niet van iedere partij het jaartal of de context bekend.

 

 

Om veel betreden paden te vermijden is 1.Pf3 geen slechte openingskeuze. Menige zwartspeler weet met deze flexibele zet geen raad, en dwaalt af van zijn favoriete openingskeuze. Hans van de Berg (kampioen 70-71-74) probeerde hem in ieder geval met succes tegen Johan den Dunnen (kampioen 79-80) die via het Engels in het verbeterde Tarrasch terechtkomt om daarna de weg kwijt te raken.

 

Hans van de Berg ‑ Johan den Dunnen

1.Pf3 c5 2.c4 e6 3.g3 Pf6 4.Lg2 d5 5.0‑0 Pc6 6.cxd5 Pxd5 7.d4 c4

Zie diagram 1. Een optimistische opmars van zwart.

8.e4 Pf6 9.Pc3 Ld7 10.Te1 Le7 11.De2 Pa5 12.Pe5 Tc8 13.d5 0‑0 14.Lf4 a6 15.Tad1 Db6 16.d6 Ld8 17.Pxd7 Pxd7 18.Le3 Db4 19.Td2 Pc6 20.f4 f6 21.Kh1 Lb6 22.Lh3 Kf7?

Een blunder in een verloren stelling.

23.Dh5+ Kg8

Zwart geeft op. Na 23...Kg8 24.Lxe6+ Kh8 25.Lf5 g6 26.Lxg6 is er wel zeer weinig eer te behalen.

 

 

Het Wolga-gambiet werd met liefde gespeeld door Sjaak Laurant (kampioen 1977-78 en tegenwoordig fervent sjoeler). Een systeem dat niet bijzonder veel theorie behelst, maar ook niet zo'n geweldige reputatie heeft. Een enkeling probeerde het te spelen zonder de pion te offeren (Oud-Indisch), maar dat bleek geen succes. Die enkeling bleek te zijn Luuk de Ruijter (kampioen 1972-73-75-76-83), niet de minste in de annalen van de clubhistorie.

 

Sjaak Laurant - Luuk de Ruijter (1977)

1.d4 Pf6 2.c4 c5 3.d5 a6 4.Pc3 b5 5.e4 b4 6.e5 bxc3 7.exf6 cxb2 8.Lxb2 Da5+ 9.Dd2 Dxd2+ 10.Kxd2 gxf6 11.Ld3 d6 12.Pe2 Pd7 13.f4 Pb6 14.a4 Lg4 15.Pc3 Lh6 16.Thf1

Zie diagram 2. De zwarte stelling oogt aardig, en bovendien heeft zwart een pluspion. De witte stukken staan echter actiever. Het was daarom wijs geweest van zwart als hij de stelling pas had geopend na enige voorbereiding.

16...e5? 17.h3 Lf5 18.a5 Lxd3 19.Kxd3 Pc8 20.fxe5 fxe5 21.Pe4 Ke7 22.Tf3 Tg8 23.Taf1 Lf4 24.g3 f5 25.gxf4 fxe4+ 26.Kxe4 Tb8 27.Lc3 Tf8 28.fxe5 Txf3 29.Txf3 dxe5 30.Lxe5 Tb4 31.Kd3 Ta4 32.Lc7 Ta3+ 33.Ke4 Ta4 34.Ke5 Txc4 35.d6+ Kd7 36.Tf8 Pxd6 37.Lxd6 Th4 38.Tf7+ Kc6 39.Tc7+ Kb5 40.Txc5+ Ka4 41.Tc3 Kxa5 42.Le7 Th5+ 43.Kf6 Kb5 44.Tb3+ Kc4 45.Ta3 a5 46.Kg7 Kd4 47.Ld8 Ke4 48.Lxa5 Kf4 49.Ld2+ Ke4 50.Lh6 1‑0

 

 

De vijfvoudige clubkampioen, Luuk de Ruijter, kon ook lastige openingen spelen. Joost Marcus (kampioen 1984) bestookte hem met het Dame-Indisch.

 

Luuk de Ruijter ‑ Joost Marcus (1982)

1.d4 Pf6 2.c4 e6 3.Pf3 b6 4.e3 Lb7 5.Ld3 d5 6.0‑0 Ld6 7.Pbd2 0‑0 8.Dc2 c5 9.e4 dxe4

Hierna staat wit beter.

10.Pxe4 cxd4 11.Pxf6+ gxf6

Op 11...Dxf6 volgt 12.Lg5 en de dame is gevangen.

12.Lxh7+

Na 12.Lh6 offert zwart een kwaliteit, waarna hij niet minder staat.

12...Kg7 13.Le4 Pc6 14.g3

Dit haalt alle grappen op h2 eruit.

14...Dc7 15.Dd2 Th8 16.Pxd4 Pe5 17.De2 Lxe4 18.Dxe4 Dxc4 19.Le3 f5 20.Df4 Th5 21.Tfd1 Td8

Zie diagram 3.

22.Tac1 Dxa2

Noodgedwongen.

23.Pxf5+

23.Pb5 is beter, maar dit is zeker zo leuk.

23...Txf5 24.Dh6+ Kg8 25.Txd6 Te8

Want op 25...Txd6 volgt 26.Tc8+

26.Ld4 Pf3+ 27.Kg2 Pxd4 28.Txd4 Txf2+

Wanhoop want er dreigt Tg4+.

29.Kxf2 Dxb2+ 30.Dd2 Dxd2+ 31.Txd2 Te7 32.Ta2 Kg7 33.Ta6 b5 34.Tb1 Tb7 35.Ta5 b4 36.Ta4 1‑0

 

 

Siert Huizinga (kampioen 1981) komt de eer toe om een overwinning op Rob Duin (kampioen 1985-88-89-92-93-94) te hebben geboekt. Liefst zesmaal veroverde de laatste het kampioenschap. Met zwart mag Rob Duin graag de Nimzowitsch-verdediging bezigen, hoewel het toch een opening is die niet een bijster goede reputatie geniet. Siert Huizinga had er weinig problemen mee.

 

Siert Huizinga - Rob Duin (1986)

1.e4 Pc6 2.d4 d5 3.Pc3 dxe4 4.d5 Pe5 5.Dd4 Pg6 6.Lb5+ Ld7 7.Pge2! Pf6 8.Lg5 Lxb5 9.Pxb5 a6 10.Pbc3 h6 11.Lxf6 exf6 12.Pxe4 Le7 13.0‑0‑0 0‑0 14.P2g3 Dd7

Zie diagram 4.

15.Ph5! Df5 16.g4 De5 17.De3 f5 18.gxf5 Dxf5 19.Peg3 Dg4 20.Dc3 Pf4 21.Tdg1 Pxd5 22.Dd3 Lg5+ 23.Kb1 Tfd8 24.h4 Pf6 25.Dc3 Td5 26.hxg5 Tad8 27.Pxf6+ gxf6 28.a3 Td1+ 29.Txd1 Txd1+ 30.Txd1 Dxd1+ 31.Ka2 Dd5+ 32.b3 fxg5 33.Ph5 1‑0

 

 

Het is spijtig voor Siert Huizinga dat hij Stan van Gisbergen in de volgende partij liet glippen. Hoewel hij zonder twijfel het grootste talent is geweest dat Het Kasteel heeft voortgebracht, heeft Stan van Gisbergen maar één keer de kampioensbeker mogen vasthouden (kampioen 1987). Spijtig voor Het Kasteel vertrok hij voortijdig om hoofdklasse te kunnen gaan spelen. Van hem zien we een partij die weliswaar gewone theorie lijkt te zijn, maar juist nu komt deze zwartspeler in grote problemen.

 

Siert Huizinga - Stan van Gisbergen (1986)

1.e4 c5 2.Pf3 d6 3.d4 cxd4 4.Pxd4 Pf6 5.Pc3 a6 6.f4 e6 7.Ld3 Le7 8.Le3 Pbd7 9.Pb3 Dc7 10.0‑0 0‑0 11.g4 Td8 12.g5 Pe8 13.Dg4 b5 14.Tf3 Lb7 15.Th3 Pf8 16.f5! b4 17.fxe6 bxc3 18.exf7+ Kxf7 19.Tf1+ Kg8 20.e5 g6 21.Lxg6 hxg6 22.Dh4 Lf6

Zie diagram 5.

23.Txf6?

Een blunder in hevige tijdnood. 23.g5xf6! had eenvoudig gewonnen.

23...Pxf6 24.Dh8+ Kf7 25.Dxf6+ Ke8

Wit gaf op. 0‑1

 

 

Hoewel sommige schakers niet van vreemde openingen houden, willen hun partijen toch nog wel eens vreemd worden. Een voorbeeld is de volgende partij met commentaar van Stan van Gisbergen.

 

Stan van Gisbergen - Dimitri Reinderman (1990)

In 1990 deed ik voor de tweede keer mee aan het Nederlands Jeugdkampioenschap. De eerste keer, twee jaar daarvoor, was geen succes geworden. Toen eindigde ik met 4 uit 9 onder het midden. Dit jaar waren de verwachtingen wat hoger gespannen, maar na een vroege nederlaag tegen de latere kampioen Martin Martens kon ik de titel echter al vergeten. Een hoge klassering zat er nog wel in, maar dan moesten nog wel enkele concurrenten uit de weg geruimd worden. Een van die concurrenten was Dimitri Reinderman.

 

Het jaar hierna zouden wij in Nijmegen in een nek-aan-nekrace verwikkeld zijn om de eerste plaats bij het Jeugdkampioenschap. Uiteindelijk eindigden we toen beiden op 7 punten uit 9 partijen, waarbij de titel naar mij ging op grond van een betere toernooi-prestatierating.

 

Dat wisten we uiteraard nog niet toen deze partij werd gespeeld.

 

1.d4 Pf6 2.c4 g6 3.Pc3 Lg7 4.e4 d6 5.f3 0‑0 6.Le3 e5 7.Pge2 c6 8.Dd2 Pbd7 9.d5!?

Ondanks verwoede pogingen van mijn trainers bij Het Kasteel (zoals Erwin Habers, Rob Duin en Han Jansen) om mij allerlei gambieten van twijfelachtig allooi te laten spelen, had ik mij toen al de degelijke stijl van mensen als Euwe en Wouters aangemeten.

 

 

Wit heeft het centrum in beslag genomen. De tekstzet werd aanbevolen in een openingsboek van Euwe dat ik in de Wijchense bibliotheek was tegengekomen. In plaats van een woeste koningsaanval op te bouwen, met de opstoot h4-h5, kiest wit voor een positionele aanpak. Zwart krijgt een achtergebleven d-pion aangesmeerd, waarvoor wit echter wel een hele rondreis met de dame moet ondernemen. Inmiddels is bekend hoe zwart gelijk spel kan maken, maar dat wist Dimitri toen niet. Voor de volgende paar zetten besteedde hij ongeveer een uur van zijn bedenktijd.

9...cxd5

Gedwongen als zwart geen tijd wil verliezen.

10.Pxd5!? Pxd5 11.Dxd5

Dit was de bedoeling van Euwe. Zwart heeft een eeuwige zwakte op d6, maar hij wint wel veel tijd.

11...Pb6 12.Db5 Lh6 13.Lf2

Een bekend geintje in het Konings-Indisch (13.Lxh6 Dh4+). Zwart wint tijd, omdat wit zijn belangrijke zwartveldige loper wil houden.

13...Le6 14.Pc3 f5 15.Le2 Tc8 16.b3 Dg5 17.0‑0 Dd2 18.exf5 Txf5?!

Een positionele concessie. 18...gxf5 was consequenter.

19.Db4

Alles is overeind gebleven bij wit en nu wordt zwart teruggedrongen.

19...Lf8 20.Tfd1 Dh6 21.Pd5 Kh8

Zwart had al niet veel tijd meer en besluit alles of niets te spelen, een aanpak die meestal overigens tot niets leidt.

22.Pxb6 axb6 23.Dxb6 Tf7 24.De3 Dg7 25.Ld3 g5 26.Lg3 g4

De zwarte zetten maakten op mij de indruk van een laatste wanhoopsoffensief.

27.f4 d5!?

Zie diagram 6 en zie commentaar bij de vorige zet.

Na luttele seconden had ik de zwarte d-pion al in mijn hand in de vaste overtuiging dat ik op een eindspel met twee pionnen meer aankoerste. Toen ik de zwarte d-pion echter had vastgepakt merkte ik dat er toch een belangrijk nadeel daaraan verbonden was. Hierna verzonk ik in gepeins. Ik had de keuzen uit twee zetten: 28.cxd5 of opgeven. De laatste mogelijkheid, gecombineerd met een daaropvolgend wegvluchten en een kluizenaarsbestaan beginnen, leek de meest voor de hand liggende mogelijkheid. Gezien de bedenktijd van mijn tegenstander en het feit dat de stelling die zou ontstaan toch niet zo duidelijk was, besloot ik uiteindelijk om door te spelen.

28.cxd5 Lc5

Tsja...

29.Dxc5 Txc5 30.dxe6 Tf8

Wit heeft 2 lopers en 2 sterke vrijpionnen voor de dame, in een lastige stelling in tijdnood. In het vervolg doet zwart het daarom niet zo handig. Op dit moment zou 31...Dg5 het wit heel wat moeilijker gemaakt hebben.

31.f5 h5?! 32.Lh4 Tcc8 33.e7 Tf7 34.Lc4! Tff8

Een smadelijke terugtocht, want op 34...Txe7 volgt 35.f6!

35.f6 Dh6 36.exf8D+ Txf8 37.f7 b5 38.Ld5 Kg7

En de zwarte vlag viel in inmiddels verloren stelling. 1-0

 

Uiteindelijk zou ik in dit toernooi, mede dankzij deze partij, gedeeld derde worden.

 

Enige tijd later las ik in Schakend Nederland een verslag over dit kampioenschap, geschreven door een commentator die zelf niet aanwezig was geweest. Wie schetst mijn verbazing, toen hij mijn ‘dame-offer’ uitvoerig ging prijzen en zelfs van een uitroepteken voorzag. Het behoeft nauwelijks betoog dat (als ik had opgelet) ik op dat moment voor het eindspel met pluspion zou hebben gekozen door 28.Dxe5! te spelen. Maar ik moet toegeven dat de overwinning op deze manier veel plezieriger was!

 

 

Een speler die menig jeugdspeler heeft beïnvloed in zijn spel, is Erwin Habers (kampioen 1982). Bijzonder is zijn simultaanpartij tegen Beljavsky met de Nimzowitsch-verdediging.

 

Beljavski (IGM) - Erwin Habers

1.e4 Pc6 2.d4 d5 3.exd5 Dxd5 4.Pf3 e5! 5.Pc3

Of 5.dxe5 Dxd1+ 6.Kxd1 Lg4 =+ (6...Lc5 =+).

5...Lb4 6.Ld2 Lxc3 7.Lxc3 e4! 8.Pe5

Ook 8.Pd2 Pf6 9.Lc4 Dg5! is goed voor zwart (Tartakower).

8...Pxe5 9.dxe5 Pe7! 10.Le2 Le6 11.0‑0

Of 11.Dxd5 Pxd5 12.Ld2 0‑0 13.0‑0 Tfe8 14.c4 Pe7 15.f4?! exf3 =+ Tarrasch‑Nimzowitsch

11...Td8 12.Dc1?! Dc5! 13.a3 Pd5 14.Ld2 a5 15.c4 Pb6 16.b4 Dc6! 17.c5 Pd7 18.Lc3 0‑0 19.De3 Tfe8 20.Tfd1 Ld5 21.Td2 De6 22.Tad1 Pxe5 23.Dg3 c6

Zie diagram 7. Met zwart voordeel dat naarmate de simultaan vorderde, geringer werd. ½‑½

 

 

Tegen FM Yge Visser speelde Erwin Habers remise met de Bird-variant van het Spaans.

 

Yge Visser (IM) - Erwin Habers (1989

1.e4 e5 2.Pf3 Pc6 3.Lb5 Pd4 4.Pxd4 exd4 5.0‑0 c6 6.Lc4 d5! 7.exd5 cxd5 8.Lb5+ Ld7 9.De2+

Op 9.Te1+ volgt 9...Pe7 10.Lxd7+ Dxd7 11.Dh5! Tc8 12.d3 Txc2! 13.Pd2 g6! 14.De5  De6! met Lg7 en Kd7.

9...Pe7 10.Te1 Lxb5?!

10...a6 of 10...Dc7 was beter.

11.Dxb5+ Dd7 12.Dc5! d3! 13.Pc3 Kd8 14.Da5+?!

14.cxd3 is kritiek (Polgar‑Klip Nijmegen 1990).

14...b6 15.Da6 dxc2 16.Dd3 Tc8! 17.a3? Df5

Dameruil helpt zwart.

18.Dg3 Pg6 19.Pb5 a6 20.Pd4 Dh5 21.d3 Kd7!

Met idee Ld6. Zie diagram 8.

22.Lf4 Pxf4 23.Dxf4 Ld6 24.Df5+ Dxf5 25.Pxf5 Lf4 -+

Helaas verprutste zwart deze winststelling, en werd remise zijn deel. ½‑½

 

 

 

Zoals gezegd was Rob Duin liefst zesmaal kampioen (kampioen 1985-88-89-92-93-94). Op KNSB-niveau heeft hij al menigmaal punten gescoord met zijn Nimzowitsch-verdediging. In 1990 speelde Het Kasteel tegen SMB en ook toen kwam deze opening op het bord.

 

M. Kuper ‑ Rob Duin (1990)

1.e4 Pc6 2.d4 d5 3.Pc3 dxe4 4.d5 Pe5 5.Lf4

5.Dd4! Zo houdt wit het centrum. Bijvoorbeeld: 5...Pg6 6.Dxe4 Pf6 7.Da4+ Ld7 8.Lb5  a6 9.Lxd7+ Dxd7 10.Dxd7+ Pxd7 11.Pf3 met een wit voordeeltje.

Op 5.f3 volgt 5...e6! 6.Dd4 Pc6 7.Dxe4 Pf6 met gelijk spel.

Ook mogelijk is 5.Dd4! Pg6 6.Da4+!? Ld7 7.Db3! met wit voordeel.

5...Pg6 6.Lg3 f5 7.Dd2

Wit moet wel actief blijven spelen, anders verliest hij het centrum. 7.Ph3 was beter geweest: 7.Ph3 Pf6 8.Pb5. Op direct 7.h4 volgt 7...e5!

7...e5

Na 8.dxe6 e.p. is nu 8...Dxd2+ minder leuk.

8.h4 Ld6 9.h5 Pf8 10.0‑0‑0 Pf6 11.Lh4 De7 12.Le2 Ld7 13.f3

Misschien was 13.g4!? beter geweest.

13.exf3 14.Pxf3 0‑0‑0 15.The1 Le8 16.h6 gxh6 17.Dxh6 Pg6 18.Lg5 Ld7 19.Lc4 Df7 20.Pb5 Lxb5 21.Lxb5 e4 22.Pd4

Zie diagram 9.

22...Dxd5! 23.Pc6

Op 23.Lxf6 volgt Lf4+.

Ook 23.c4 is niet echt fantastisch: 23...De5 24.Dh3 Pe7 25.Lxf6 Dxf6 26.Txe4 Thg8 27.Tf1 Dg5+ 28.Kb1 Dxg2 29.Dxg2 Txg2 30.Pxf5 Pxf5 31.Txf5

23...Dxa2 

23...Dxb5 24.Pxa7+

24.Pxd8 Txd8 25.c3 Pd5 26.Dxh7 

26.Dh3 Tf8 en e4‑e3 met lijnonderbreking is evenmin leuk.

26...Pxc3 27.Kc2 Pxd1 28.Lxd8 Dxb2+ 29.Kxd1 Dxb5 30.Dxg6 Dd3+ 31.Kc1 La3+ mat 0‑1

 

 

Het viel overigens niet mee om partijen van Rob Duin (kampioen 1985-88-89-92-93-94) te bemachtigen. Bij navraag op een feestje bleek er een Blackmar-Diemermap te bestaan, die bol staat van de handgeschreven varianten en enkele partijen. Niet bijzonder vreemd, eerlijk gezegd, daar je soms het gevoel bekruipt alsof het Blackmar-Diemer op Het Kasteel is uitgevonden.

 

Nu is dat niet geheel correct. Emil Josef Diemer heeft met blinde hartstocht het Blackmar-gambiet verbeterd. Diemer schreef dan ook brieven naar schaaktheoretici zoals Euwe om zijn vondst te laten zien. Hij werd dan ook vriendelijk geantwoord en er werd op gewezen dat het Blackmar-gambiet misschien speelbaar is, maar dat er toch ook nog een heleboel andere openingen zijn.

 

Tijdens het Kandidatentoernooi te Amsterdam kwam Donner Diemer voor het eerst tegen en zei tegen hem: ‘De Russen schijnen uw systeem te spelen.’ Mocht Donner gedacht hebben dat Diemer dit blozend zou afweren, dan kwam hij wel bedrogen uit, want Diemer zei: ‘Sie versuchen es!’

 

Laten we het erop houden dat het een moeilijke opening is, die Rob Duin in ieder geval aardig beheerst.

 

Rob Duin ‑ Ritter

1.d4 d5 2.Pc3 Pf6 3.e4 dxe4 4.f3 exf3 5.Pxf3 b6 6.Lc4 Lb7 7.0‑0 e6 8.Pe5 Le7

op 8...Pbd7 volgt heel aardig 9.De2 Ld6 10.Pxf7!

9.Kh1 0‑0 10.Ld3 c5 11.dxc5 Lxc5 12.Lg5 Le7 13.De1 La6 14.Td1 Lxd3 15.Txd3 De8 16.Lxf6 Lxf6

Zie diagram 10.

17.Txf6! gxf6 18.Dg4+ Kh8 19.Dh4 Tg8 20.Dxf6+ Tg7 21.Tg3 Df8 22.Txg7 Dxg7 23.Pxf7+ Kg8 24.Ph6+ 1‑0

 

 

Blijkbaar deed dit nog niet zeer genoeg, maar Rob toonde geen medelijden.

 

Rob Duin ‑ Ritter

1.d4 d5 2.Pc3 Pf6 3.e4 dxe4 4.f3 exf3 5.Pxf3 b6 6.Ld3 Lb7 7.Le3 g6 8.0‑0 Lg7 9.Pe5 Pbd7 10.De2 Pxe5? 11.dxe5 Pd5 12.Lb5+! c6 13.Pxd5 cxb5 14.Dxb5+ Kf8

Zie diagram 11.

15.Txf7+! Kxf7 16.Tf1+ Lf6

Wat anders? Als de koning naar het midden gaat, loopt het ook niet goed af.

Een voorbeeld: 16...Ke6 17.Pf4+ Kf7 18.Dc4+ Ke8 19.Pe6 Dd7 20.Pxg7+ Kd8 21.Pe6+ Ke8  22.Pc7+ Kd8 23.e6 Dd6 24.Pb5 Dc6 25.Dd4+ Dd5 26.Dxh8+

Op 16...Kg8 volgt 17.Pxe7+ Dxe7 18.Db3+ Df7 19.Dxf7+

17.Pf4 Tc8 18.exf6 e6 19.Pd3 Txc2 20.Pe5+ Kg8 21.f7+ Kg7 22.Pc6! Dd6 23.Dg5 Txg2+!? 24.Kxg2 Dxc6+ 25.Kh3 Dg2+ 26.Dxg2 Lxg2+ 27.Kxg2 Td8

27...Tf8 is natuurlijk ook vergeefse moeite. 28.Ld4+ Kh6 29.Le5

28.f8D+ Txf8 29.Lh6+! 1‑0

 

 

Jeroen van de Weijer (kampioen 1986) speelt met zwart ook de Bird-variant van het Spaans. Maar hier gaat de speciale aandacht uit naar zijn bijzondere manier om het Hollands aan te pakken met winst in zes zetten.

 

Jeroen van de Weijer - H. Lemmens (1984)

1.d4 f5 2.h3 Pf6 3.g4 fxg4 4.hxg4 Pxg4

Zie diagram 12.

5.Dd3

Wit probeert een aardig grapje. Ook mogelijk is 5.e4 d6 6.Lg5 g6 7.f3 Pf6 8.Pc3 c6 9.Dd2 +=.

5...Pf6 6.Txh7 1‑0

 

 

 

Ook de manier waarop Jeroen van de Weijer 1.Pf3,d5 behandelt, heeft de aandacht getrokken.

 

Jeroen van de Weijer - Siert Huizinga (1982)

1.Pf3 d5 2.e4 dxe4 3.Pg5 Lf5 4.Pc3 Pf6 5.f3 e6

Zie diagram 13.

16.fxe4 Lg6 7.Lc4 h6 8.e5 Pd5 9.Pf3 Lc5 10.d4 Lb4 11.Ld2 Pd7 12.a3 Lxc3 13.bxc3 c6 14.0‑0 b5 15.Ld3 P7b6 16.Lxg6 fxg6 17.De2 Pc4 18.Pe1 Kd7 19.Pd3 De7 20.Pc5+ Kc7 21.a4 Thf8 22.Tfb1 Pf4 23.Lxf4 Txf4 24.axb5 cxb5 25.Txb5 Pb6 26.Txb6 Kxb6 27.Da6+ Kc7 28.Db7+ Kd8 29.Dxa8+ Kc7 30.Db7+ Kd8 31.Db8+ 1‑0

 

 

Een van de laatste competitie-partijen die Han Jansen heeft kunnen vinden waarbij de rivaliteit van de zondagmiddag op de club werd voortgezet, is een gigant qua lengte, maar ook typisch zo'n partij waarbij beide spelers tot op het bot gaan. Zelfs nu weet hij nog dat hij gigantisch baalde dat dit remise werd, want ‘ik had hem toch bijna!’

 

Martin Markering - Han Jansen (1988)

1.d4 Pf6 2.Lg5 e6 3.e4 Le7 4.Ld3 d5 5.e5 Pfd7 6.Lxe7 Dxe7 7.c3 c5

Van Trompowski naar Klassiek Frans naar een vreemde Doorschuifvariant van het Frans: het kan blijkbaar allemaal.

8.Pe2 Pc6 9.a3 0‑0 10.0‑0 Pb6 11.Pd2 Ld7 12.Pf3 f6 13.exf6 Txf6 14.Pe5 Pxe5 15.dxe5 Th6 16.g3 Lc6 17.Pf4 Tf8 18.Dg4 Td8 19.Tad1 a6 20.h4 Lb5 21.Dg5 De8 22.h5 Td7 23.g4 Df8 24.Lxb5 axb5 25.Pe2 Df3 26.Pc1 Pc4 27.Td3 De4 28.Te3 Pd2 29.Txe4 Pf3+ 30.Kg2 Pxg5 31.Te2 g6 32.f4 Pf7? 33.f5 gxf5 34.gxf5 Pd8 35.Pd3 Txh5 36.Pxc5 Tg5+ 37.Kf2 Txf5+ 38.Ke1 Txf1+ 39.Kxf1 Tf7+ 40.Ke1 Tf5

Zie diagram 14. Bij deze stand werd er afgebroken. (Afbreken: ‘no way!’)

41.b3 Kf7 42.Kd2 Ke7 43.a4 bxa4 44.bxa4 b6 45.Pd3 Pc6 46.Pb4 Pa5 47.Kd3 Pc4 48.Kd4 Tf4+ 49.Kd3 h5 50.Pc6+ Kd7 51.Pb8+ Ke8 52.Pc6 h4 53.Pd4 Kf7 54.Kc2 Ke7 55.Kb3 h3 56.Th2 Th4 57.Pf3 Th5 58.Kb4 Kd7 59.Kb5 Kc7 60.Pd4 Th6 61.Pf3 Kd7 62.Pg1 Pxe5 63.Kxb6 Kd6 64.Txh3 Pc4+ 65.Kb5 Tg6 66.Pe2 Tg8 67.Th6 Ta8 68.Pd4 Tb8+ ½‑½

 

 

Een rode draad in de geschiedenis van Het Kasteel is zeker ook Ton Wouters . Zo heeft hij bijvoorbeeld samen met anderen de jeugdafdeling opgezet en menig toernooi georganiseerd. Hij speelt succesvol de Scandinavische en Poolse opening, wat deels de danken is aan de onbekendheid van deze openingen.

 

Voor het dertigjarig jubileum werd een schaaksimultaan georganiseerd met Rob Hartoch en Kick Langeweg op 17 mei 1977. Wie daarbij dacht dat Ton Wouters zijn geliefde Scandinavische opening zou hanteren, kwam bedrogen uit. Nee, hij speelde een opening die zowel hij als Rob Hartoch niet bleek te kennen.

 

Rob Hartoch ‑ Ton Wouters (1977)

1.e4 e5?! 2.Pf3 Pc6 3.Lc4 Le7

Aha, Hongaars! Toch een vreemd spelletje dus.

4.d4 d6 5.dxe5 Pxe5 6.Le2?

Wit lust de geboden pion niet, of kent domweg de theorie niet: 6.Pxe5 dxe5 7.Dh5 met aanval op e5 en f7.

6...Pf6 7.Pc3 Ld7 8.0‑0 0‑0 9.Lf4 Pg6 10.Lg3 Lc6 11.Ld3 Pd7 12.Pd5 Pde5 13.Pd4 Lxd5 14.exd5 Lf6 15.Lf5 Pe7 16.Le4 g6 17.f4 Pc4 18.Lf2 Pb6 19.f5 Te8 20.fxg6 hxg6 21.Df3 Pd7

Zie diagram 15. Nu laat Rob Hartoch toch nog even zien waarom hij meester is, en Ton Wouters niet.

22.Pe6! fxe6

Op 22...Dc8 volgt 23.Ld4 Lxd4+ 24.Pxd4 Tf8 met een lekkere stelling voor wit.

23.dxe6 Tf8 24.exd7 Dxd7 25.c3 d5 26.Lc2 Ld4 27.Dg3 Lxf2+ 28.Txf2 Txf2 29.Dxf2 Tf8 30.Dxa7 Db5 31.Lb3 De2 32.Dd4 Dxb2 33.Lxd5+ Pxd5 34.Dxd5+ Kg7 35.Dd4+ Kh6 36.Te1 Db5 37.Dh4+ Kg7 38.Te7+ Tf7 39.Dd4+ Kf8 40.Dd8+ Kg7 41.Txf7+ Kxf7 42.Dxc7+ Kf6 43.Df4+ Kg7 44.Dc1 Db6+ 45.Kh1 Df2 46.a3 Dc5 47.c4 b6

Opgegeven door zwart.

 

 

In het rijtje opmerkelijke spelers mogen zeker Ritchy Duin en Daan Derks niet ontbreken. De eerste komt uit de vermaarde jeugdopleiding van het Kasteel, de tweede werd op zijn zeventiende lid en nam kort daarna deel aan de jeugdcommissie om les te geven. Beide zijn nog steeds prominente leden, en ook zij spelen zo hun eigen spelletjes. In deze partij bezigt Ritchy één van zijn grote schaakliefdes: de Van Geet-opening.

 

Ritchy Duin ‑ Daan Derks (1993)

1.Pc3 d5 2.e4 dxe4 3.Pxe4 e5 4.Lc4 Pf6 5.Pg5 Pd5

5...Lc5! 6.Pxf7 Lxf2+ geeft vuurwerk en 5...Lc5! 6.Lxf7+ is gewoon onduidelijk.

6.Pxf7 Kxf7 7.Df3+ Ke6 8.d4 Pc6 9.Ph3 Pxd4 10.Pg5+ Ke7 

Met 10...Kd7 had wit het moeilijker gehad: 10...Kd7 11.Dxd5+ Ld6 12.Ld3 c6 13.Df7+ De7

11.Df7+ Kd6 12.Dxd5+ Ke7 13.Df7+ Kd6 14.0‑0 Kc6 15.c3 Pf5 16.a4 a6 17.b4 Kb6 18.Pe6 Df6 19.Dxc7+ Ka7 20.b5 Tb8

Zie diagram 16. Nu de zwarte koning zo'n eind gewandeld heeft, verdiende hij een vlotte dood. Zonder twijfel was 21.Db6+ Kxb6 22.a5+ Ka7 23.b6+ Ka8 24.Pc7+ meer passend geweest.

21.Lg5?! Dg6 22.Ld8 Ld6 23.Db6+ Ka8 24.Pc7+ Lxc7 25.Dxg6 hxg6 26.Lxc7 a5 27.Lxb8 Kxb8 28.Tad1 en wit wint. 1‑0

 

 

Onder andere naar aanleiding van deze partij is Daan Derks zich gaan toeleggen op de Modern. Een verraderlijke opening die vaak alleen bij voorzichtig spel kans op wit voordeel biedt.

 

Ritchy Duin ‑ Daan Derks

1.Pc3 g6 2.h4 Lg7 3.e4 c5 4.h5 d6 5.Lc4 Pf6 6.h6

Zie diagram 17. Dit is wel heel kenmerkend voor Ritchy. Gelijk een boer op h6, maar voorzichtig is het niet.

6...Lf8 7.d4 cxd4 8.Dxd4 Pc6 9.Lb5 Ld7 10.Lxc6 Lxc6 11.Lg5 e5 12.Dd2 De7 13.Th3 De6 14.Lxf6 Dxf6 15.Pd5 Lxd5 16.Dxd5 0‑0‑0 17.Tf3 De6 18.Da5 Lxh6 19.Dxa7 Kd7 20.Dxb7+ Ke8 21.Dd5 Dxd5 22.exd5 Tc8 23.c3 Ke7 24.Th3 Lg7 25.Th4 f5 26.Tb4 Thd8 27.Tb7+ Td7 28.Txd7+ Kxd7 29.a4

Daar gaat de andere randpion zijn noodlot tegemoet.

29...e4 30.Pe2 Tc5 31.a5 Kc8 32.a6 Kb8 33.a7+ Ka8 34.Pf4 Txc3

Die loper op g7, daar zit het venijn hem in.

35.Pe6 Le5 36.bxc3 Lxc3+ 37.Ke2 Lxa1 38.Pf8 Lg7 39.Pxh7 Lh6 40.f3 exf3+ 41.Kxf3 Kxa7 42.Pf6 Kb6 43.g4 Kc5 44.gxf5 gxf5 45.Pg8 Lg5 46.Ke2 Kxd5 47.Kd3 Ke6 48.Kd4 Kf7 49.Kd5 Kxg8 50.Kd4 Kf7 51.Kd5 Kf6 0‑1

 

 

 

Dat de koningsfianchetto Daan Derks goed bevalt, blijkt ook uit de volgende partij waarin wit de euvele moed heeft om lang te rocheren. Dat hij daarbij een keer uitglijdt is begrijpelijk.

 

Henk van Kortenhof ‑ Daan Derks (1994)

1.d4 Pf6 2.Pc3 g6 3.e4 d6 4.Lg5 Lg7 5.Dd2 0‑0 6.0‑0‑0 c6 7.Le2 b5 8.f3 Pbd7 9.e5 dxe5 10.dxe5 b4 11.exf6 bxc3 12.Dxc3 exf6 13.Lf4 Db6 14.Db3 Pe5 15.Le3 Dc7 16.Lc5 Le6 17.Da3 Tfd8 18.Ph3 a5 19.Pf2 f5 20.f4 Pc4 21.Lxc4 Dxf4+ 22.Kb1 Dxc4 23.Txd8+ Txd8 24.Dxa5 Tb8 25.Pd3 h5 26.Td1 Kh7 27.Da3 Dg4 28.Tg1 Lc4 29.Ld6 Tb5 30.h3 Dd4 31.Lc5 Dd5 32.Lf8

Prompt is het uit. Zie diagram 18.

32...Ld4 33.Td1 Lxb2 34.Dxb2 Txb2+

35.Pxb2 Lxa2+ 0‑1

 

 

Harry Broeken is ook zo'n markante speler uit de recente geschiedenis van Het Kasteel. Tegen hem heeft Daan Derks de koningsfianchetto een keer nagelaten. Nu speelt Daan Derks per definitie 1...g6. Dus welke eerste zet heeft Harry Broeken dan in hemelsnaam gespeeld om Daan Derks daar vanaf te brengen?

 

Harry Broeken ‑ Daan Derks (1994)

1.c3

Zie diagram 19. Zo opent wit zijn partij in een bekerfinale!? Later beweerde wit dat hij vooraf de bedoeling had gehad om e5 te veroveren. Tja, dat lukte hem dan ook nog...

1...d5 2.d4 Pf6 3.Lf4 e6

Gezien het vervolg had zwart beter zijn dameloper naar buiten kunnen brengen.

4.Pd2 c5 5.e3 Pc6 6.Pgf3 Le7 7.Ld3

Dit lijkt weer meer op damepionspel, hoewel we net zo goed een Ponziani op het bord hadden kunnen krijgen.

7...a6 8.0‑0 0‑0 9.Pg5 h6 10.Ph3 b5 11.Pf3 c4 12.Lb1 Pe4 13.Pe5 Pxe5 14.Lxe5 Ld6 15.f3 Lxe5 16.fxe4 Lf6 17.e5 Lg5 18.Tf3 f5 19.exf6 Txf6 20.Pxg5 hxg5 21.Txf6 Dxf6 22.Dh5 g6

Wat anders? Op 22...Ld7 volgt 23.Lh7+ Kh8 24.Lg6+ Kg8 25.Tf1

23.Lxg6 Ta7 24.Tf1 Dg7 25.Dxg5 Te7 26.Df6??

Oef!

26...Dxf6 27.Txf6

Hoewel zwart hier na 27...Kg7 een stuk had kunnen winnen, zag hij na grandioos verloren gestaan te hebben, het niet meer zitten om deze stelling uit te spelen. Remise werd overeengekomen. Wat een vreemd spelletje...

 

 

Henk van Kortenhof (kampioen 1990-91-95) heeft zich in de loop der jaren vooral ontwikkeld als een goede postionele speler, maar regelmatig laat hij toch even zien ook tactisch zeer goed uit de voeten te kunnen. Daarbij heeft Henk van Kortenhof een typisch repertoire. Met wit speelt hij de Veresov, en hij vaart daar al vele jaren wel bij. Hier een voorbeeld van een externe partij.

 

Henk van Kortenhof - Cox (1981)

1.d4 d5 2.Pc3 c5 3.Lg5 f6 4.Lh4 e5 5.dxe5 d4 6.exf6 Da5 7.e3

Zo, het stuk is geofferd. Zie diagram 20.

7...dxc3 8.Dh5+ Kd7 9.0‑0‑0+ Ld6 10.Df7+ Kc6 11.Dd5+ Kb6 12.Dxd6+ Pc6 13.Lg3 cxb2+ 14.Kb1 Pxf6 15.Dc7+ 1‑0

 

 

Met zwart speelt Henk van Kortenhof al een kwart eeuw de Rubinstein-variant van het Frans. Een systeem wat voor weinig wit- en zwartspelers speelbaar is.

 

H. Kuin ‑ Henk van Kortenhof (1980)

1.e4 e6 2.d4 d5 3.Pc3 dxe4 4.Pxe4 Pd7 5.Pf3 Le7 6.Le2 Pgf6 7.Pxf6+ Lxf6 8.c3 b6 9.0‑0 Lb7 10.Le3 0‑0 11.Dc2 De7 12.Tad1 e5 13.dxe5 Pxe5 14.Pxe5 Lxe5 15.Ld3 f5 16.Lxf5 Lxh2+ 17.Kxh2 De5+ 18.Kg1 Txf5 19.Td4 Th5 20.Lf4 Df6 21.Le3

Zie diagram 21.

21.Df3! 0‑1

 

 

De Tarrasch, een andere liefde van Henk van Kortenhof, is een opening die niet zoveel gespeeld wordt, maar die wel goed zeer kan doen. Dat ondervond ook Luuk de Ruijter.

 

Luuk de Ruijter ‑ Henk van Kortenhof (1983)

1.d4 d5 2.c4 e6 3.cxd5 exd5 4.Pc3 c5 5.Pf3 Pc6 6.g3 Pf6 7.Lg2 c4 8.0‑0 Le7 9.Pe5 0‑0 10.Pxc6 bxc6 11.b3 La6 12.h3 Te8 13.bxc4 Lxc4 14.Tb1 Tb8 15.Ld2

Het is instructief om te zien hoe snel wit nu in de problemen komt. Zie diagram 22.

15...Lb4 16.Lf3 Da5 17.De1 Da6 18.Pxd5 Lxd5 19.Txb4 Txb4 20.Lxd5 Txe2 21.Lxf7+ 0‑1

 

 

Willem Blankert (kampioen 1996-1997) is eigenlijk geen tactische speler. Nog sterker, hij vindt van zichzelf dat hij helemaal niet kan schaken. Zelfs zijn plusremise met zwart tegen IM Herman Grooten in Ter Apel in 1997 heeft hem gesterkt in die opvatting.

 

In ieder geval speelt hij in navolging van Henk van Kortenhof de Veresov, een opening die hij inmiddels verdacht goed kent. Omdat tegenstanders de Veresov vaak niet zo prettig vinden, proberen ze nog al eens iets anders te spelen. Zo verschijnt er nogal eens het Frans op het bord, maar daarbij kan het bloed hoog opspatten. Wits stukoffers zijn hier niet correct, maar wel effectief.

 
Willem Blankert - Sjoerd Meyer (1996)

1.d4 Pf6 2.Pc3 d5 3.Lg5 e6 4.e4 Le7 5.e5 Pfd7

6.Lxe7 Dxe7 7.f4 a6 8.Pf3 c5 9.dxc5 Pxc5

10.Dd2 Pc6 11.0‑0‑0 b5 12.f5!? b4?!

Zie diagram 23. Wit zoekt nu de kortste weg door de zwarte stelling.

13.Pxd5!? exd5 14.Dxd5 Lb7 15.f6 gxf6 16.Lb5!? 16...axb5 17.exf6 De3+ 18.Kb1 Pe5?

Daar gaat het definitief mis: 18...b3!! wint zelfs nog voor zwart, want op 19.c3 volgt 19...Pe7 20.Dd6 Le4+ 21.Ka1 Txa2+.

19.Dd6 Pxf3 20.gxf3 De6 21.Dxc5 Dxa2+

22.Kc1 De6 23.Tde1! 1‑0

 

 

Sommige spelers willen op 1.d4 het liefst 1...Pf6 spelen om het Konings-Indisch te bereiken. Maar Konings-Indisch zonder c4 (= Pirc) is gewoon lastig, vooral als je op 1.e4 normaliter geen Pirc of Modern speelt. Rob Duin weet dat inmiddels ook.

 

Willem Blankert - Rob Duin (1994)

1.d4 Pf6 2.Pc3 g6

Zwart weet dat wit geen Blackmar-Diemer speelt.

3.e4 d6 4.Lg5 Lg7 5.Dd2 h6 6.Le3 Pg4 7.0‑0‑0 Pxe3 8.Dxe3 c6 9.f4 Da5 10.Pf3 Lg4 11.h3 Lxf3

12.gxf3 e6 13.Kb1 b5 14.e5 d5 15.Ld3 Lf8

16.Pe2 h5 17.Thg1 Pa6

Zie diagram 24. Zwart heeft het niet actief genoeg aangepakt, en krijgt nu de rekening gepresenteerd.

18.Lxg6! fxg6 19.Txg6 Pc7 20.f5 Kd7 21.Dg5 Te8 22.Pf4 c5 23.fxe6+ Kc8 24.Df6 Le7 25.Df5 Tef8

26.Tf6 cxd4 27.Pg6 Lxf6 28.e7+ Kb7 29.exf8D Txf8 30.Pxf8 Le7 31.Pe6 La3 32.Pd8+ Kb6 33.Df6+ Kc5 34.Pb7+ 1‑0

Overigens was 34.Dc6+ Kb4 35.Txd4+ mat, ook niet slecht.

 

 

In de finale van 1997 spelen beide Veresov-adepten tegen elkaar. Wit brengt nu een twijfelachtig pionoffer in de hoop dat zwart dat (ten onrechte) weigert. Hij gokt goed.

 

Willem Blankert - Henk van Kortenhof (1997)

1.d4 d5 2.Pc3 Pf6 3.Lg5 Pbd7 4.Pf3 c6 5.e3 Da5 6.Ld3?! Pe4 7.0‑0 Pxc3 8.bxc3 h6 9.Lf4 e6?

Hier had zwart echt moeten slaan op c3. Nu komt hij snel in de problemen.

10.c4 dxc4 11.Lxc4 Pb6? 12.Lb3 Pd5 13.Lg3 Pc3 14.Dd3 La3?

Zwart staat op slag verloren. Zie diagram 25.

15.Pe5 Pd5 16.e4 Pf6 17.Pc4 Da6 18.Ld6 Lxd6 19.Pxd6+ Ke7 20.Dxa6 bxa6 21.e5 Pd5 22.c4 Pf4 23.Tfe1 a5 24.g3 Pg6 25.La4 Ld7 26.Tab1 Thb8 27.Pb7 Ke8 28.Pxa5 Tb6 29.Pb7 Tb8 30.Pd6+ Kf8 31.Tb3 Txb3 32.Lxb3 Pe7 33.Tb1 c5 34.dxc5 Pc6 35.f4 Pd4 36.Kf2 a5 37.Ke3 Pf5+ 38.Pxf5 exf5 39.Lc2 Tc8 40.Tb7 Le6 41.Tb5 Lxc4 42.Txa5 1‑0

 

 

Twee vechtende secretarissen zien we niet iedere dag. De huidige en de vorige maken elkaar met respectievelijk wit en zwart het schaakleven zuur; van een weinig gespeelde opening tot in het diepe eindspel.

 

René Maagdenberg - Frits Vlek (1997)

1.c4 Pf6 2.d4 e6 3.e3 d5 4.Pf3 Lb4+ 5.Ld2 c5 6.Lxb4 cxb4 7.Da4+ Pc6 8.Pe5 Da5 9.Dxa5 Pxa5 10.Pd2 0‑0 11.b3 Pc6 12.Le2 Pxe5 13.dxe5 Pd7 14.Pf3 Pc5 15.0‑0 Ld7 16.Pd2 Tac8 17.Lf3 Lc6 18.a3 bxa3 19.Txa3 a6 20.Le2 Tfd8 21.b4 Pe4 22.Pxe4 dxe4 23.Taa1 Td2 24.Tfe1 Tb2 25.Tab1 Txb1 26.Txb1 Td8 27.b5 axb5 28.cxb5 Ld5 29.Td1  g6 30.f3 Tc8 31.f4 Kg7 32.Td2 Tc3 33.Kf2 h6 34.h3 Kf8 35.Ld1 Ke7 36.La4 b6 37.Tc2 Tc5 38.Txc5 bxc5 39.Ke1 Kd8 40.Kd2 Kc7

Zie diagram 26. Omdat de zwarte pion op f7 niet naar voren kan, is dit een klassiek eindspel van goede tegen slechte loper. Wit moet hier proberen de zwarte pionnen op koningsvleugel te winnen. Direct winnend is 41.b6+ Kxb6 42.Le8. Met zwarts hulp wint wit in een later stadium alsnog.

41.Kc2 Kb6 42.Kb2 c4 43.Kc3 Ka5 44.Lc2 Kxb5 45.Ld1 Kc5 46.Le2 Kb5 47.g3 Kc5 48.h4 h5 49.g4 hxg4 50.Lxg4 Kc6 51.h5 gxh5 52.Lxh5 Kd7 53.Lxf7 Ke7 54.Lh5 Kd7 55.Le2 Kc6 56.Lxc4 Kc5 57.Lb3 Kc6 58.Lxd5+ Kxd5 59.Kb4 Kc6 60.Kc4 Kd7 61.Kd4 Ke7 62.Kxe4 Kf7 63.Kf3 Kg6 64.Kg4 Kf7 65.e4 Ke7 66.Kg5 Kf7 67.f5 Ke7 68.Kg6 Kf8 69.Kf6 exf5 70.exf5 Ke8 71.e6 Kf8 72.Kg6 Ke7 73.Kg7 Ke8 74.f6 1‑0

 

 

Geen terugblik zonder vooruitblik. Na het verlies van een paar sterke spelers, lijkt Het Kasteel de weg naar boven weer een beetje gevonden te hebben door nieuwe spelers. Denk bijvoorbeeld aan Wesley van Nie, een jeugdspeler die afgelopen seizoen B-kampioen werd. Maar eerst een partij uit de jeugdcompetitie.

 

Wesly van Nie ‑ Maarten Rossen (1996)

1.Pc3 e5 2.Pf3 Pc6 3.d4 exd4 4.Pxd4 Pxd4 5.Dxd4 Pf6 6.Lg5 Le7 7.e4 d6 8.0‑0‑0 0‑0 9.f3 Ph5 10.Le3 c5 11.Dd2 h6 12.g4 Pf6 13.h4 Ph7 14.Dh2 b6 15.Le2 Dd7 16.g5 h5 17.f4 Lb7 18.Lxh5 g6 19.Le2 Tac8 20.h5 De6 21.hxg6 Dxg6 22.f5 Dg7 23.f6

Zie diagram 27. 1‑0

 

 

In de volgende partij speelt Wesley van Nie de Tsjichorin-verdediging onder het motto: niet goed, wel effectief (commentaar van Wesly van Nie).

 

Jos Steinman - Wesley van Nie (B-kampioenschap senioren 1997)

1.c4 Pc6?! 2. d4 d5 3. e3

Volgens Ritchy Duin een slechte zet, maar dat valt wel mee. Andere mogelijkheden zijn Pc3, Pf3 en cd5:(?)

3.. Pf6

Ritchy speelt (speelde) 3.. e5, met als mogelijk vervolg 4. de5: d4 5. ed4: Dd4: 6. Dd4: Pd4: 7. Ld3 Lg4 8. f3 Le6 9. Le3 O-O-O 10. Ld4: Td4; 11. Ke2 Pe7 12. Pd2 Pg6 waarna zwart voordeel zou hebben.

4. Pf3, Lf5 5. Pc3, a6 6. Pfd2 e6 7. a3, Le7 8. b4 O-O 9. h3, h6 10. Df3, Lg6 11. Lb2, Dd7 12. cd5: ed5: 13.Le2, Tfe8 14. O-O Lf8 15. Tfe1 Pa7 16. Ld1, Tad8 17. Lb3 c6 18. e4 de4: 19. Pce4:, Pe4: 20. Pe4:, Le4: 21. Te4:, Te4: 22.De4:, Pb5 23. Lc2 g6 24.Lb3 Kh7 25. d5!?

Zie diagram 28. In de waan dat cd5: De5 ondekbaar mat is, maar dat gaat niet door. Toch is het geen slechte zet. Het is de vraag of zwart de pion kan handhaven. Als Jos er een goed vervolg aan had gegeven had hij zeker remise kunnen afdwingen. (Ook door de tijd.)

25.. cd5: 26. De5, d4! 27.Df6(?) Lg7! 28. Df7:??, Df7: 29. Lf7:, d3 30. Lg7:, Kg7: 31. Lb3, d2 32. Ld1, Te8 33. f3, Te1+ 34. Kf2, Pc3 35. a4, Pd1:+ 36. Td1:, Td1: 37. Ke2, Tb1 38. Kd2:

Wit geeft gelijk op. 0-1

 

 

Ook komen er nieuwe spelers van buiten. Een speler die pas een paar seizoenen bij Het Kasteel speelt is Willem van Berkel. Voorheen speelde deze Wijchenaar bij OSV in Oss, maar deze sterke schaker speelt gelukkig tegenwoordig  bij Het Kasteel. Wat opvalt is dat hij (vreemd genoeg) gewone varianten speelt. Althans in het verleden. (Commentaar van J. Turkstra.)

 

Willem van Berkel ‑ J. Turkstra (correspondentiepartij 1975‑76)

1.e4 e6 2.d4 d5 3.Pc3 Lb4 4.e5 Dd7 5.h4 b6 6.h5 La6 7.Lxa6 Pxa6 8.Dg4 Lf8 9.De2 Pb8 10.Pf3 c5 11.Lf4 Pc6 12.Td1 c4 13.Th3 Pa5 14.h6 g6 15.Lg5 Dc6 16.Ph2 Le7 17.Lxe7 Pxe7 18.Df3 Kd7 19.Pg4

Na 19.Dxf7 wordt het remise: 19...Taf8 20.Dg7 Thg8 21.Dxh7 Th8=

19...Taf8 20.Df4 Kc8 21.Dg5 Pg8 22.Tf3 Dd7 23.Kf1 a6 24.b4 Pb7 25.Dc1 Kc7 26.Da3 Ta8 27.Te1 b5 28.Kg1 Kb6 29.Dc1 De7 30.Df4 Pd8 31.Pe3

Er dreigt Pxd5+

31...Dd7 32.Ta1 a5?! 33.bxa5+ Txa5

Zie diagram 29. Op 33...Kxa5 volgt

34.Pcxd5 exd5 35.Pxc4+ bxc4 36.Ta3+.

Nu offert wit met liefde een paard.  

34.Pcxd5+! exd5 35.e6 Pxe6

Op 35...Dxe6 volgt 36.Db8+ Pb7 37.Df8

Op 35...fxe6 volgt 36.Db8+ Ka6 37.Pg4 Pc6 38.Df8 e5 39.Tf7 Pge7 40.Dxh8 Dxg4 41.Txe7 Pxe7 42.Da8+ Kb6 43.Dd8+ Ka6 44.Dd6+ Kb7 45.Dxe7+ en wit wint h7 en daarmee de partij.

36.Db8+ Ka6

36...Kc6 37.Pg4! Dc7 38.Pe5+ Kd6 39.Txf7 Dxb8 40.Td7+mat

37.Pxd5 Dxd5 38.Txf7 Pe7

Wat anders?

39.Dxh8 Dxd4 40.Dxd4 Pxd4 41.Txe7 b4 42.Td1!

Zo forceert wit torenruil.

42...Pxc2 43.Td6+ Kb5 44.Td5+ Ka4 45.Txa5+ Kxa5 46.Txh7 b3 47.axb3 cxb3 48.Td7! 1‑0

 

 

Tijdens het scholenkampioenschap van 1969 speelde Willem van Berkel tegen de toenmalige jeugdkampioen van de NBSB. U bent gewaarschuwd. (Commentaar van Willem van Berkel en redactie.)

 

Willem van Berkel ‑ Leon Pliester (1969)

1.d4 Pf6 2.c4 e6 3.Pc3 c5 4.d5 exd5 5.cxd5 d6 6.e4 g6 7.f4 Lg7 8.e5 dxe5 9.fxe5 Pg4!? 10.Lb5+

Op 10.e6 volgt 10...Lxe6 11.dxe6 Lxc3+ 12.bxc3 Dxd1+ 13.Kxd1 Pf2+

10...Kf8

10...Ld7 11.Dxg4

11.Pf3 Pxe5 12.0‑0 Lg4 13.Pxe5!?

Lachend laat het witte paard zijn koningin aan haar lot over en trekt ten strijde!

13...Lxd1 14.Pxf7

Zie diagram 30. Zo, daar staat het paard lekker. Hoe nu verder?

14...Da5?

Na lang nadenken gespeeld, maar zeker niet de sterkste voorzetting. Andere mogelijkheden zijn:

a) 14...De7 15.Ph6+ Df6 16.Txf6+ Lxf6 17.Pxd1

b) 14...De7 15.Ph6+ Lf6 16.Lg5 Pd7 (16...Kg7 17.Lxf6+ Dxf6 18.Txf6 Kxf6 19.Txd1) 17.Lxd7 Dxd7 18.Txf6+ Ke8 19.Txd1

c) 14...Df6 15.Txf6 Lxf6 16.Pxh8 Lxh8 17.Pxd1

d) 14...Dh4 15.Lg5 Dg4 16.Kh1 met winnende aanval.

e) 14...Ld4+ Mogelijk de beste zet. 15.Kh1 De7 16.Pxh8+ Kg8 17.Pf7 met sterke aanval.

15.Ph6+! Ke7 16.Tf7+ Kd8

Op 16...Kd6 volgt 17.Lf4+ Le5 18.Txd1! Lxf4 19.Pe4+ Ke5 20.Te7+ mat

17.Txg7 Tf8 18.Lg5+ Kc8 19.Txd1 Db4 20.d6 1‑0

 

 

Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op 19-01-2017 om 12:13:54